BNR Bouwmeesters: A’dam Noord/Zuidlijn

Door Redactie Bouwmeesters , 18 januari 2018

BNR Bouwmeesters: A’dam Noord/Zuidlijn

BNR Bouwmeesters kwam deze keer van onder de grond, vanaf metrostation Amsterdam Centraal waar straks de Noord/Zuidlijn gaat rijden. Na twintig jaar ligt de lijn er eindelijk. Het kan zelfs zijn dat je tijdens de uitzending een paar keer een metro voorbij hoort komen, want de dienstregeling wordt al getest. Maar de uitzending van woensdag 17 januari ging ook over het belang om nu alweer te gaan investeren in de vervoersbehoefte van 2038. 

Te gast in de uitzending waren

- Pelle de Wit, afbouwmanager van de Noord/Zuidlijn
en
- Wijnand Veeneman, universitair hoofddocent Organisatie en Management aan de Technische Universiteit Delft, met als specialisatie openbaar vervoer.

Ereritje met de koning

Deze zomer op 22 juli gaat in Amsterdam de Noord/Zuidlijn open voor het publiek, na eerst een ereritje met aan boord koning Willem-Alexander met gevolg. Tot dan worden, zoals De Wit uitlegde, alle systemen aan en rond de lijn nog uitvoerig getest. Tot april zonder reizigers en daarna met proefreizigers, en Amsterdammers die willen kunnen zich daarvoor opgeven. Maar de lijn is na een aanlegperiode van twintig jaar amper in gebruik of er wordt alweer nagedacht over uitbreiding ervan richting Schiphol en Purmerend, lichtte Veeneman toe.

Stad keert zich naar het IJ

Vooral langs het IJ verrezen er in Amsterdam de afgelopen twintig jaar met de komst van de nieuwe metrolijn hele nieuwe stadsdelen. De stad keerde zich als het ware weer naar het IJ toe. En met de nieuwe lijn maakt ook ‘Noord’ nu integraal deel uit van de stad, legde architect Jan Benthem uit in een reportage in uitzending.

Doorontwikkelen

Voor het tijdig ‘doorontwikkelen’ van de beide uiteinden van de nieuwe lijn, zodat die uitbreidingen over twintig jaar af zijn, moeten nu al knopen worden doorgehakt, benadrukte Veeneman. Want spoor- en metroprojecten zijn complex en tijdrovend. En ook al is het onzeker hoe stad en mobiliteit zich verder zullen ontwikkelen, toch is het volgens hem ‘glashelder’ dat die uitbreidingen er moeten komen: “Op capaciteitsniveau weet je dat dit soort systemen voor een groeiende stad nodig zijn. Kijk maar naar China, daar bouwen ze ook metro’s.” Zelfrijdende auto’s en drones bieden volgens hem ook over twintig jaar onvoldoende capaciteit om een ov-systeem als een metro te vervangen.

Buitengebieden

Veeneman gaf aan niet uit te sluiten dat ook andere ‘buitengebieden’ van Amsterdam zoals Almere in de toekomst zullen worden aangesloten op het hoofdstedelijke metronet: “Daar hebben we nu alleen treinen rijden, maar dat kan veel beter.” Als mooi voorbeeld noemde hij RandstadRail in de regio Den Haag. Daarvan is het aantal reizigers sinds de ingebruikname vervijfvoudigd.

Teveel optimisme

De aanleg van meer metro- en lightrail-projecten, vereist wel dat de landelijke politiek meer aandacht én geld steekt in dit soort stedelijke projecten. ‘Den Haag’ heeft bij de besteding van belastinggeld volgens Veeneman nu teveel oog voor alleen het hoofdspoor- en wegennet: “Je zou willen dat er in Den Haag iets meer naar steden wordt geluisterd zodat dit soort systemen gebouwd kunnen worden.” Daarbij is hij bij deze projecten wel voor een “iets betere kosteninschatting”. Nu vallen deze uiteindelijk steevast veel duurder uit door – volgens hem – “teveel optimisme in het begin”.

Luister hier naar de uitzending
 


INFRAMARKT

Over de auteur

Redactie Bouwmeesters