COLUMN / Voor mij geen Luizenmoeder-bureaucratie

Door Monique van Haaf , 07 februari 2018

COLUMN / Voor mij geen Luizenmoeder-bureaucratie

Uit een groot publieksonderzoek dat de NOS 5 februari publiceerde (https://nos.nl/artikel/2215504-woningen-bureaucratie-en-duurzaamheid-belangrijk-voor-de-kiezer.html) blijkt dat kiezers drie onderwerpen het meest belangrijk vinden de komende verkiezingen: wonen, bureaucratie en duurzaamheid. Drie thema’s waar ik me dagelijks voor inzet en die in ons concept de Woonkeuken alle drie samenkomen. In de Woonkeuken werken professionals vanuit verschillende disciplines, van student tot corporatiedirecteur, samen aan de Overijsselse bouwopgave gericht op wonen en duurzaamheid.

Vorige week deelden we deze manier van werken ook met politiek Den Haag, door met tien Tweede Kamerleden en een gemengd gezelschap uit Overijssel de Woonkeuken nu eens in Nieuwspoort te organiseren. En wat is het dan mooi dat je het gehele politieke spectrum van links tot rechts in de zaal hebt zitten en iedereen het over één ding eens is: in samenwerken ligt de sleutel tot succes. Zoals één van de aanwezige Tweede Kamerleden dat verwoordde. Kamerleden die ‘de samenwerkingsbereidheid en de informele, niet geïnstitutionaliseerde netwerken van ons Overijsselse initiatief’ roemden. Want inderdaad probeer ik vanaf de start van een proces zoveel mogelijk met inwoners, ondernemers, overheden, met al onze partners samen te werken om onze ruimtelijke kwaliteit te behouden en te verbeteren. Ik kan niet binnen bepalen hoe de ruimte buiten zich kwalitatief moet ontwikkelen, zonder daarvoor de behoeften en de kennis en expertise uit het veld te raadplegen en te benutten. Geen hiërarchie zoals bij tv-hit de Luizenmoeder, waar je je van luizenmoeder moet opwerken via lief-en-leedmoeder, groene-vingermoeder om uiteindelijk in de Ouderraad zitting te mogen nemen.

Pas als je elkaars behoeften kent kan je maatwerk leveren en meer flexibel omgaan met beleid en regels. En dat is nodig voor het aantrekkelijk houden van onze woon- en leefomgeving, ook met het oog op veranderingen in de toekomst. Want dat we voor veranderingen staan, is zeker: veranderingen op het gebied van klimaat, energie of bijvoorbeeld onze levensverwachting. De vergrijzing neemt toe, maar tegelijkertijd weten we niet of de demografische voorspelling van vandaag de realiteit van morgen is. Wat we wel weten, is dat we kwalitatief goed willen wonen en blijven wonen in Overijssel, zonder onze provincie vol te bouwen met nieuwe woningen of een landelijk gebied dat leegloopt. Ik wil dat elke woning raak is en past bij de huidige wens én bij de woonbehoefte van de toekomst. We moeten ons kunnen aanpassen en kunnen inspelen op die verandering. Dat geldt ook voor de productie, voor de bouw. Daarom zet ik met onze partners volop in op circulair bouwen. Een nieuwe manier van bouwen die inspeelt op hergebruik van materialen in plaats van verspilling van grondstoffen, een beweging van kwantitatief naar kwalitatief bouwen, met meerwaarde voor bouwers, gebruikers en de omgeving. We maken met elkaar een beweging van verbruik naar gebruik.

Ook staat vast dat we onze energie op een andere manier moeten gaan opwekken en gebruiken in de toekomst en dat we voorbereid moeten zijn op de effecten van klimaatverandering. Dat betekent ook dat stad en land boven en onder de grond in moeten spelen op de nieuwe energievraag en we rekening moeten houden met toekomstige effecten van droogte, hitte, koude en water. En dat heeft impact op onze ruimte en manier van wonen en verplaatsen. Met elkaar bereiden we ons voor op een verandering van infrastructuur als het gaat om wonen en werken en hoe we ons landschap in de toekomst gaan gebruiken. Net als de Hannah (met een H), de moeder van Floor in de Luizenmoeder, hoop ik mij te blijven verbazen over vastgeroeste patronen als ‘Hallo allemaal, wat fijn dat je er bent’. We moeten oog hebben voor de veranderingen waar we voor staan. In Overijssel doen we dat door samen te durven innoveren, experimenteren en flexibel om te gaan met regels. Zo zorgen we dat stad en land elkaar blijvend benutten en versterken. Dát kenmerkt Overijssel.


DUURZAAMHEID ENERGIEZUINIGE NIEUWBOUW WONINGMARKT

Over de auteur

Monique van Haaf

Gedeputeerde voor de portefeuille Ruimte, Grondbeleid en Handhaving voor de provincie Overijssel