Constructieve tweede gespreksronde cao Bouw & Infra

Door Erik Tierolf , 08 februari 2018

Constructieve tweede gespreksronde cao Bouw & Infra

Op 7 februari 2018 hebben werkgevers en vakbonden tijdens een tweede gespreksronde hun wensen voor invulling van de nieuwe cao voor de bouw- en infrasector naast elkaar gelegd. De vergelijking is de basis voor de verdere onderhandelingen.

De voorstellen aan beide kanten zijn op een constructieve wijze themagewijs besproken. FNV en CNV hebben hun looneisen toegelicht. Werkgevers hebben aangegeven dat zij aansturen op een loonsverhoging die past bij de omstandigheden van de sector en de ondernemingen, waarbij het nadrukkelijk de bedoeling is dat de medewerkers de stijging van de loonuitgaven terugzien in een hoger nettoloon.

Bij het onderwerp arbeidstijden hebben werkgevers uitgesproken dat ze regels willen die aansluiten bij de praktijk. De huidige doen dat niet, terwijl de opdrachtgever dit wel van de bouwer verlangt. Zo’n situatie is ongewenst. Om dat tegen te gaan, heeft met name de infrasector sterk behoefte aan verruiming van de tijden waarop gewerkt mag worden. De vakbonden willen de arbeidstijden echter juist beperken.

Werkgevers en werknemers hebben over het thema flexibilisering gesproken. In het algemeen vinden de werkgevers dat er zoveel mogelijk werknemers onder de cao Bouw & Infra zouden moeten vallen. Om dat te bevorderen, is het gewenst de cao niet onnodig duur te maken door allerlei fondsen of door regels die de toepassing in de praktijk uithollen.

Een ander onderwerp van uitvoerige besprekingen waren de reisuren. De werkgeversdelegatie heeft duidelijk gemaakt dat de huidige cao-tekst te ingewikkeld is. In plaats daarvan willen werkgevers een praktische tabel. Ten aanzien van de betaling van reisuren willen de vakbonden terug in de tijd. Ze zetten in op een verhoging van de reisurentoeslag, terwijl in 2015 juist is afgesproken om reisuren voor iedereen gelijk te stellen. Ook hier is realisme bij de werkgevers het uitgangspunt: de uren van de meerijder moeten betaalbaar blijven.

Er zijn eerste verkenningen gedaan over de standpunten over doorbetaling van loon bij ziekte en het thema ‘duurzame inzetbaarheid’. Met het oog op de oudere medewerkers lijken werkgevers en werknemers zich samen sterk te willen maken voor een goed antwoord op de stijging van de AOW-leeftijd. Er worden ook gezamenlijk mogelijkheden onderzocht om ervoor te zorgen dat medewerkers ook op hogere leeftijd duurzaam kunnen blijven doorwerken. Daarnaast is het voor werkgevers belangrijk dat er voldoende instroom van jonge medewerkers is.

De sector heeft op dit moment alle beschikbare arbeidskrachten nodig om aan de vraag van opdrachtgevers te kunnen voldoen. In dat kader is een beperking van flexibiliteit, zoals door de FNV bepleit, niet realistisch en ongewenst, vinden de werkgevers.
Terwijl de vakbeweging cao-voorstellen hebben gedaan op het vlak van veiligheid, vinden werkgevers dit juist geen cao-onderwerp. Veiligheid is topprioriteit. Het is een absolute voorwaarde om te kunnen werken en geen punt van onderhandeling.

Op 14 februari spreken de cao-partijen verder, waarbij onder meer het thema naleving aan de orde komt.


DUURZAME INZETBAARHEID EN DE CAO BOUW & INFRA CAO, ARBEIDSVOORWAARDEN- EN VERHOUDINGEN

Over de auteur

E. (Erik) Tierolf

Senior Beleidsmedewerker