Bouw moet serieus werk maken van zij-instroom

Door Redactie, 17 mei 2018

Bouw moet serieus werk maken van zij-instroom

Wil de bouw het nijpende tekort aan personeel indammen, dan moet er serieus werk worden gemaakt van het opleiden van zij-instromers. Daarvoor zou het ook goed zijn als er niet per regio maar landelijke uniforme spelregels komen voor de inzet van werklozen en statushouders. Bovendien moet er meer een appel worden gedaan op ouders opdat jongeren weer kiezen voor een beroep in de bouw. Voor die aanpak van het ‘gebrek aan handjes’ pleit Peter Postma, voorzitter van de vakgroep opleidingsbedrijven en directeur bij Bouwmensen en Inframensen in Oss. 

Verschillende fases

Voor het aantrekken van meer jongeren wijst Postma op de grootschalige instroomcampagne die Bouwend Nederland in 2017 lanceerde (‘Je gaat het maken in de bouw’). Over het stimuleren van de zij-instroom zijn in de nieuwe bouw-cao afspraken gemaakt, maar Postma geeft aan dat nog niet duidelijk is op welke manier dat in de praktijk gaat gebeuren. Een moeilijkheid voor opleidingsbedrijven is ookdat de behoefte aan nieuw personeel in de bouw per regio flink verschilt. “Daar waar in het westen en deels in het zuiden van het land er echt nieuwe wegen moeten worden bewandeld om aan voldoende mensen te komen, zijn er in het noorden en oosten nog veel bedrijven die niet staan te springen om nieuw personeel omdat het daar nog helemaal niet zo booming gaat. De sector zit door het land heen dus in verschillende fases.”

Match met social return-circuit

De afgelopen dertig, veertig jaar hebben opleidingsbedrijven in de sector hoofdzakelijk jongeren opgeleid. Postma: “Maar doordat er voor een deel ook door ontgroening en vergrijzing nu minder jongeren zijn die voor de bouw kiezen, ontplooien die zelfde opleidingsbedrijven nu allerlei initiatieven voor het opleiden van zij-instromers.” Voor een deel matchen die initiatieven goed met gemeentelijke onderhands gegunde opdrachten als impuls voor lokale inclusieve werkgelegenheid. Postma: “Zulke opdrachten betreffen het circuit van social return, dus met zij-instroom van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en van statushouders.”

Spelregels

Een hindernis bij de inzet van mensen in het social return-traject noemt Postma het dat de spelregels voor dit traject vaak per gemeente verschillen. “Je moet als opleidingsbedrijf over de spelregels hele goede afspraken maken met de gemeenten en uitkerende instanties in kwestie. Maar omdat die regels zeg maar om de paar kilometer weer anders zijn, is dat voor opleidingsbedrijven best lastig.” Postma geeft aan dat bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) de vraag is neergelegd of de spelregels voor het hele land gelijk kunnen worden getrokken: “Dit onderwerp speelt nog maar kort, dus we moeten niet verwachten dat het van de ene op de andere dag is geregeld. Maar het zou de zij-instroom wel bevorderen.”

Betaalbaarheid van zij-instroom

Zij-instroom wordt de komende jaren ‘sowieso’ een vast onderdeel van de instroom bij opleidingen voor de bouw, voorspelt Postma. Hij schat voor een kwart tot een derde: “Daarom moet er ook serieus werk van worden gemaakt en hebben partijen bij de cao-onderhandelingen ook gesproken over de betaalbaarheid ervan.”

Tussen twee werelden in

Een probleem voor opleidingsbedrijven en ROC’s is volgens Postma ook dat de bouw in een transitiefase zit: “Als wij nu als opleidingsbedrijf massaal de vakman van de toekomst gaan opleiden, zouden veel aannemers niet weten wat ze met zo iemand aan moeten omdat ze met hun bedrijf nog niet zo ver zijn. Maar als we grootschalig voor oude bouwberoepen zouden blijven opleiden, zouden veel andere bedrijven roepen dat ze daar niks meer aan hebben. Dus qua opleidingen zitten we een beetje tussen twee werelden in. Dat maakt opleiden ook lastig.”

Tussen de oren

Ter bevordering van de reguliere instroom van jongeren werkt Bouwmensen Oss sinds vorig jaar in de regio Nijmegen samen met ROC’s en VMBO-scholen aan een plan voor meer contactmomenten met de sector. Postma geeft aan dat deze aanpak inmiddels navolging krijgt in andere regio’s: “VMBO-scholen zijn in de loop der jaren onze belangrijkste leveranciers van nieuwe vakkrachten geweest. Maar stapje voor stapje verloor techniek er terrein en wordt de opleiding steeds algemener. Door in het schooljaar meer bedrijfsbezoeken te organiseren, hopen we techniek weer meer bij jongeren tussen de oren te krijgen en de drempel voor de keuze voor een beroep in de bouw te verlagen.”

Beroep op ouders

Postma vindt dat er daarbij ook een extra beroep moet worden gedaan op ouders: “Die neigden er de afgelopen jaren naar hun kinderen de hoogst mogelijke, dus theoretische leerweg te laten volgen. Terwijl dat niet bijdraagt aan het geluk van veel van die kinderen omdat die veel beter geschikt zijn voor het volgen van de praktische route, en waarbij ze uiteindelijk hetzelfde niveau bereiken als langs de theoretische leerweg.”

Bouwend Nederland-campagne

De campagne 'Je gaat het maken in de bouw & infra' speelt hierop in. De boodschap speelt duidelijk in op de behoefte aan zowel denkers als doeners in de bouw. In de periode mei en juni zijn er radio-spots te horen. In totaal zijn er drie verschillende audiospots voor drie doelgroepen gemaakt: jongeren (14- tot 18-jarigen), zij-instroom en beïnvloeders (35- tot 45-jarigen). De radio-spots zijn te horen via Spotify, Radio 538, NPO Radio3 FM, Slam FM & FunX en op BNR.
De radio-campagne valt samen met een aantal belangrijke andere activiteiten binnen deze periode zodat het effect elkaar versterkt: de Libelle Zomerweek, de Dag van de Bouw, de nieuw ontwikkelde gastles/game “Je gaat het maken” gericht op het onderwijs en continue presence op sociale media en online.
 


MODERN PERSONEELSBELEID EN DUURZAME INZETBAARHEID