Handen ineen in bouwkolom versnelt ‘Paris Proof’

Door Redactie Bouwmeesters , 05 juli 2018

Handen ineen in bouwkolom versnelt ‘Paris Proof’

Meer integrale oplossingen bieden en meer dezelfde taal spreken, zodat klanten niet langs moeten bij allerlei loketten en de weg kwijt raken. Zo kunnen partijen in de bouwkolom samen bijdragen aan het versneld ‘Paris Proof’ maken van alle bestaande gebouwen in het land. Dat zegt Martin Mooij, hoofd certificering en projectmanager van het Deltaplan van Dutch Green Building Council. Aanleiding voor zijn oproep aan de bouwsector is het Deltaplan Duurzame Renovatie dat DGBC onlangs presenteerde met als inzet ‘alle gebouwen in 2040 CO2 neutraal’, en niet pas in 2050 zoals het kabinet ambieert. 

Het energieverbruik van gebouwen gaat de komende zeven jaar met vijftig procent omlaag en in 2040 is al het vastgoed in Nederland CO2-neutraal, waarbij DGBC participanten een koplopersrol moeten nemen. Die ambitie stelt DGBC in het op 21 juni aan Diederik Samson, voorman van de onderhandelingstafel Gebouwde Omgeving, gepresenteerde Deltaplan Duurzame Renovatie. Het plan is ontwikkeld door zestig grote marktpartijen en behelst een meerjarig verduurzamingsprogramma voor onder meer winkels, kantoren, logistieke centra en maatschappelijk vastgoed zoals school- en zorggebouwen.

Eind 2015 spraken landen in Parijs af dat de aarde de komende decennia maximaal 2°C mag opwarmen. De opstellers van het Deltaplan constateren dat het huidige tempo van verduurzaming van gebouwen te laag is om aan die doelstelling te voldoen. Zij pleitten voor een inhaalslag, met grootschalige inzet van onder meer isolatie, zonnepanelen, warmtepompen, energiezuinige apparaten en LED-verlichting. “Een gigantische opgave”, stelt Mooij vast, waarbij hij aantekent dat het behalve om het besparen van energie ook gaat om thema’s als gezondheid, welbevinden en circulariteit. “

DGBC mikt met het Deltaplan Duurzame Renovatie met name op bestaande utiliteitsbouw. Van de 450.000 utiliteitsgebouwen die Nederland nu telt, staat driekwart er over dertig jaar nog, ligt Mooij toe. Met de eigen achterban van meer dan 350 leden wordt door de hele bouwkolom nu een integrale aanpak per gebouwtype bekeken. Zo omvat het Deltaplan vijf werkgroepen voor de gebouwfuncties kantoren, scholen, zorggebouwen, retail en logistiek. Mooij geeft aan dat er binnenkort ook een werkgroep woningen start. “Steeds meer woningcorporaties zijn geïnteresseerd in samenwerking met ons en met partijen uit onze achterban.” Dat in het Deltaplan bestaande woningen aanvankelijk buiten beschouwing bleven, schrijft hij toe aan dat er al veel initiatieven zijn voor het duurzaam renoveren van woningen.

Iedere werkgroep ontwikkelt een routekaart om de verduurzamingsambitie binnen het eigen segment te realiseren. Mooij: “Wij ontwikkelen nu tools zoals een beslisboom zodat een partij die bijvoorbeeld een gebouw nog dertig, veertig jaar wil door-exploiteren kan zien wat die moet doen om op koers te blijven qua energielabel, welke concepten daarbij passen, wat het kost en welke CO2-reductie het oplevert.” DGBC inventariseert daarvoor ook voorbeelden van gebouwen die door ‘koplopers’ uit de eigen achterban worden ontwikkeld en al aan de nieuwe vereisten voldoen. “Via die ‘best practices’ kunnen wij barrières die zich bij renovatie kunnen voordoen, zoals op het gebied van handhaving en normering, ook mooi doorgeven aan de politiek.”

Een van de eerste stappen van het Deltaplan is om het daadwerkelijke energieverbruik van ieder gebouw in Nederland inzichtelijk te maken. DGBC ontwikkelde daarvoor de Dutch Green Building Scan. Het betreft een laagdrempelige methode voor het inzichtelijk maken van de duurzame prestaties van een gebouw en voor het monitoren van de voortgang van duurzame renovatie. BREEAM-NL, het duurzaamheidskenmerk voor (bestaande) gebouwen dat DGBC ook ontwikkelt en beheert, is een te zware tool voor alle gebouwen, ligt Mooij toe. “Maar kennis uit BREEAM wordt wel benut en BREEAM leert ook dat het spreken van een taal belangrijk is.” Hij voegt er aan toe dat het Deltaplan voorlopig ook nog niet klaar is: “De komende tijd moet het verder worden ingevuld met concrete doelen, actoren en acties.”

Belangrijk voor het welslagen van het Deltaplan is dat dit door alle partijen in de bouwkolom wordt omarmd, benadrukt Mooij: “Iedereen moet klaarstaan om dit te willen en te doen. Duurzaamheid moet meer mainstream worden.” Hij wijst in dit verband ook op de roep in de Bouwagenda om meer clustering en standaardisering: “Dus in plaats van nu ieder voor zich als een dolle te beginnen met een eigen techniek en aanpak, meer dezelfde taal met elkaar spreken, en meer in totaalconcepten en integrale oplossingen denken waarop we kunnen renoveren en die we collectief kunnen aanbesteden.”  


DUURZAAMHEID

Over de auteur

Redactie Bouwmeesters