AOW-leeftijd in 2023 niet omhoog

Door Jørgen Hulsmans , 06 november 2017

AOW-leeftijd in 2023 niet omhoog

De ministerraad heeft op 3 november op voorstel van minister Koolmees van SZW besloten om de AOW-leeftijd in 2023 niet te verhogen. Die leeftijd blijft in 2023 67 jaar en drie maanden, net als in 2022. De levensverwachting is volgens cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek minder snel gestegen dan in voorgaande jaren.

Geleidelijke verhoging van AOW-leeftijd

Elk jaar wordt gekeken of de AOW-leeftijd moet worden verhoogd op basis van de levensverwachting. Dat moet vijf jaar van tevoren worden gemeld om mensen tijdig hierover te informeren. Dan hebben ze tijd om zelf aanvullende maatregelen te nemen, zoals bijvoorbeeld extra sparen voor hun (aanvullend) pensioen of om nu alvast een extra verzekering af te sluiten als ze toch eerder willen stoppen met werken.

Het kabinet heeft in 2012 besloten de AOW-leeftijd in etappes te verhogen om de oudedagsvoorziening ook in de toekomst betaalbaar te houden. In 2018 wordt de AOW-leeftijd 66 jaar. In 2019, 2020 en 2021 komen daar elk jaar vier maanden bij. In 2021 wordt de AOW-leeftijd 67 jaar. Vanaf 2022 is de AOW-leeftijd gekoppeld aan de levensverwachting. Die is vorig jaar oktober vastgesteld op 67 jaar en 3 maanden. En dat blijft ook in 2023 zo.

Rekentool ingangsdatum AOW

Op de site van de Sociale Verzekeringsbank (SVB), de instantie die de AOW-uitkeringen verzorgt, is een handige tool geplaatst die inzicht geeft in het moment waarop iemand voor het eerst AOW krijgt.


CAO, ARBEIDSVOORWAARDEN- EN VERHOUDINGEN WETGEVING

Over de auteur

J.J. (Jorgen) Hulsmans

Beleidsmedewerker Sociale Zekerheid