Met name bij langlopende projecten is het verstandig om ervoor te zorgen dat er een verrekening van prijswijzigingen is overeengekomen. Een risicoregeling is een standaardregeling voor de verrekening van prijswijzigingen. Een risicoregeling is in feite een uitgebreide indexering die rekening houdt met de aard van de opdracht. De regeling kent afzonderlijke indices voor verschillende componenten in de bouw.
Er bestaat een Risicoregeling Woning- en Utiliteitsbouw 1991 en een Risicoregeling Grond-, weg- en waterbouw 1995. Voor deze standaardregelingen worden maandelijks indexcijfers vastgesteld. Hiermee is verrekening van prijswijzigingen mogelijk. Door toepassing van een risicoregeling blijft de inschatting van toekomstige prijsrisico’s buiten de aanbieding. Dit leidt tot een zuiverder prijsvorming en een betere prijsbeoordeling door de opdrachtgever.
Met name bij langlopende projecten is het verstandig om ervoor te zorgen dat er een verrekening van prijswijzigingen is overeengekomen. Als er niets is geregeld, is verrekening namelijk in beginsel niet mogelijk. Bouwondernemers zullen dan zelf maatregelen moeten treffen om prijswijzigingen van materiaal op te kunnen vangen in de prijs. Een risicoregeling is de meest zuivere manier om prijswijzigingen te verrekenen, omdat deze rekening houdt met de aard van het werk.
Uitgangspunt van een risicoregeling is de omvang van de risico’s te beperken die ontstaan door loon- en prijswijzigingen. Deze risico’s worden hierbij volgens een eenvoudige methode verrekend. Welk systeem van risicoregeling ook wordt gebruikt, het gaat om een beperking van het risico en niet om het volledig wegnemen van het risico.
Let erop dat de risicoregeling slechts geldt voor de in de regeling genoemde onderdelen van het werk. Bevat een werk voor een groot deel onderdelen die niet genoemd zijn in de risicoregeling, dan vindt er dus voor een groot deel van het werk géén indexering plaats!
Door toepassing van een risicoregeling blijft de inschatting van toekomstige prijsrisico’s buiten de aanbieding. Dit leidt tot een zuiverder prijsvorming en een betere prijsbeoordeling door de opdrachtgever. Daarmee is zowel het belang van opdrachtgever als opdrachtnemer gediend. De risicoregeling is ook vaak van toepassing in de relatie tussen aannemer en toeleverancier(s).
Risicoregeling Woning- en Utiliteitsbouw 1991 (RWU 1991)
De Risicoregeling Woning- en Utiliteitsbouw 1991 is niet automatisch van toepassing op alle opdrachten in de woning- en utiliteitsbouw. De opdrachtgever moet hem nadrukkelijk van toepassing verklaren in de aannemingsovereenkomst (bestek). Het is echter niet nodig om de volledige tekst van de regeling op te nemen. Volstaan kan worden met het opnemen van een bepaling (in het bestek), dat de Risicoregeling Woning- en Utiliteitsbouw 1991 van toepassing is.
De RWU 1991 kent één index voor het totale materialenpakket. Er zijn geen indexcijfers voor afzonderlijke materialen ten behoeve van de RWU 1991 samengesteld. De materiaalindex is gebaseerd op een representatief pakket materialen waarvan de prijsbeweging wordt vastgesteld met behulp van gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
Bij de berekening van de loonindex wordt rekening gehouden met de gewogen loonkostenontwikkeling voor werknemers die vallen onder de Cao voor de bouwnijverheid, de Cao voor het Schilders-, afwerkings- en glaszetbedrijf in Nederland en de Cao voor het Technisch Installatiebedrijf. De tekst van de RWU 1991 en de toelichting vindt u in de volgende documenten:
Risicoregeling Grond- Weg- en Waterbouw 1995 (RGWW 1995)
Als op een werk de Standaard RAW-bepalingen van toepassing zijn, is de Risicoregeling GWW 1995 vanzelf ook van toepassing. Deze risicoregeling kan ook zonder de standaard van toepassing worden verklaard. De tekst van de RGWW 1995, de toelichting en enkele voorbeelden vindt u ihet volgende document Risicoregeling GWW 1995.
De laatst gepubliceerde indexen vindt u hier: Indexcijfers RGWW 1995.
Tools
SDU Uitgevers brengt een cd-rom op de markt waarmee u eenvoudig alle berekeningen met betrekking tot de Risicoregeling Woning- en Utiliteitsbouw 1991 kunt uitvoeren. Dit rekenprogramma is gebaseerd op de indexcijfers die de Commissie Risicoregeling Woning- en Utiliteitsbouw maandelijks publiceert. De bijbehorende indexcijfers worden op papier of per e-mail toegezonden. Een lijst met indexcijfers, relaties, projecten en totaaloverzichten kunt u eenvoudig printen. Kijk voor de website van de sdu (bestelcode A48227).
Consequenties
Wanneer een ondernemer wil inschrijven op een bouwproject is het van groot belang vast te stellen of het werk tegen een vaste prijs moet worden uitgevoerd of dat het mogelijk is om toekomstige prijsstijgingen (gedeeltelijk) in rekening te brengen.
Voor elk project moet de ondernemer zorgen voor een zo nauwkeurig mogelijke calculatie. Hierbij moet hij ook rekening houden met het risico van prijsstijgingen die zich tijdens de looptijd van het project kunnen voordoen. Dit is zeker van belang als de opdrachtgever geen enkele prijsaanpassingclausule in het bestek heeft opgenomen. De opdrachtnemer moet dan tegen een vaste prijs inschrijven. In deze prijs moet hij rekening houden met de (ingeschatte) toekomstige prijsontwikkeling.
Kiest de opdrachtgever ervoor om de Risicoregeling Woning- en Utiliteitsbouw 1991 of de Risicoregeling Grond- water- en wegenbouw 1995 (via RAW-bepalingen) op het werk van toepassing te verklaren dan zijn de belangrijkste (maar niet alle) prijsrisico’s voor de opdrachtnemer afgedekt. Met deze prijsstijgingen hoeft de ondernemer dan ook geen rekening te houden bij het bepalen van zijn inschrijfprijs. Het blijft echter van belang om zorgvuldig na te gaan welke prijsrisico ’s niet door een risicoregeling worden opgevangen. Met deze risico’s moet namelijk nog wel rekening worden gehouden bij het vaststellen van de aanbiedingsprijs.