• Home
  • Actueel
  • Nieuws
  • Van Veldhoven: voor 15 juni PFAS-norm toepassing grond in diepe plassen

Van Veldhoven: voor 15 juni PFAS-norm toepassing grond in diepe plassen

donderdag 14 mei 2020
Graafwerkzaamheden

Dinsdag 12 mei sprak staatssecretaris Van Veldhoven met de Tweede Kamer in het Nota-overleg Bodem onder andere over de PFAS-problematiek. De staatssecretaris beloofde in dit debat vóór 15 juni van dit jaar met een nieuwe norm te komen voor de toepassing van grond in diepe plassen en oppervlaktewater. Bouwend Nederland heeft diverse malen met de staatssecretaris gesproken over het knelpunt van het ontbreken van een werkbare norm voor deze toepassing in het Tijdelijk Handelingskader.

“Dat deze nieuwe norm er nu vóór de zomer lijkt te komen, stemt mij positief,” aldus Maxime Verhagen. “De bouwsector is niet de vervuiler. Toch worden bouw- en infrabedrijven al maanden gedupeerd voor iets waar zij geen schuld aan hebben en wat ze niet zelf kunnen oplossen. Hopelijk zorgt deze nieuwe norm dat aanzienlijk meer ruimte komt voor grondverzet en baggerwerkzaamheden.” Van Veldhoven heeft toegezegd om de nieuwe normstelling vooraf met de brancheverenigingen, waaronder Bouwend Nederland, te bespreken.

Verschillende moties van Kamerleden

In het debat waren Kamerleden van CDA, VVD, PVV en SGP kritisch op de staatssecretaris. Het tijdspad om te komen tot een Definitief Handelingskader duurt te lang. Eerder was er sprake van dat het definitieve kader in de herfst van 2020 klaar zou zijn. De staatssecretaris geeft echter aan dat dit niet wordt gehaald en dat het nieuwe Kader pas in 2021 gereed zal zijn. Daarom dienden verschillende Kamerleden moties in om de staatssecretaris tot haast te manen. Van Veldhoven zegde vervolgens toe om, waar mogelijk, tussentijds het Tijdelijk Handelingskader aan te passen, zodat de sector niet nog een jaar hoeft te wachten op nieuwe normen. Dit zal dus in juni van dit jaar gebeuren.

Versnellen MIRT-procedures

Tot slot diende de PVV tijdens dit debat een motie in over het versnellen van MIRT-procedures. Kamerlid Van Aalst verzocht minister Van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat, die ook bij het debat aanwezig was, te onderzoeken of procedures in het kader van het MIRT versneld kunnen worden, zodat projecten naar voren kunnen worden gehaald. Van Nieuwenhuizen reageerde hier positief op. De stemming over deze motie is 20 mei.