• Home
  • Actueel
  • Nieuws
  • SPG Midden Nederland en SPG Noord-Holland zien vooral de zonnige zijde

SPG Midden Nederland en SPG Noord-Holland zien vooral de zonnige zijde

Afbeelding SPG Midden Nederland en SPG Noord-Holland zien vooral de zonnige zijde
donderdag 28 april 2022

Natuurlijk zouden ze liever zien dat het super gaat met de instroom van jonge vaklieden in de infra. Maar de vraag is nu eenmaal groter dan het aanbod, weten Mark Griede en Peter Bakker, directeuren van respectievelijk SPG Midden Nederland en SPG Noord-Holland. "Het is gewoon een kwestie van continu blijven zoeken naar nieuwe bronnen voor de instroom en vooral blijven uitdragen hoe fantastisch deze bedrijfstak is."

Met respectievelijk rond de 35 en 65 aangesloten leden bedienen infra-opleidingsbedrijven SPG Midden Nederland en SPG Noord-Holland het grootste deel van de grond- weg- en waterbouwbranche in die twee regio’s. De aankomende vakmannen gww, stratenmaker, asfaltwerker, machinist, waterbouwers en meer worden opgeleid via het beproefde BBL-concept. Ze krijgen één dag per week theorie- en praktijkles op school en de overige vier dagen werken en leren ze in de praktijk bij één van de bedrijven. "De leerlingen zijn bij ons in dienst", doet Peter Bakker van SPG Noord-Holland het concept nog wat nader uit de doeken. "Wij betalen hun salaris, verzorgen de begeleiding en zorgen dat ze aan het werk kunnen bij een bedrijf dat past bij hun interesses en karakter en, als het even kan, in de buurt is van hun woonplaats. We ontzorgen de lidbedrijven dus."

Dicht op de praktijk

Niet alleen voor het vinden van die juiste werkplek is het heel waardevol dat SPG zulke nauwe banden heeft met de lidbedrijven. "In feite zijn we de lidbedrijven, zijn de lidbedrijven SPG", benadrukt Bakker. "Die bedrijven worden vertegenwoordigd in ons bestuur", legt Griede uit. "Ze hebben dus ook grote invloed op het onderwijs." Met zijn opmerking maakt de directeur van SPG Midden Nederland duidelijk dat er geen gapend gat zit tussen de beroepspraktijk en het onderwijs. "Naast bestuurders uit de praktijk zijn er ook nog eens commissies met vertegenwoordigers van onderwijs en bedrijven die dat in de gaten houden. Dat heeft de infra goed voor elkaar."Dat de lesstof up-to-date is, is ingebakken doordat de bedrijven zelf gastlessen verzorgen en excursies faciliteren. "En als een bedrijf bijvoorbeeld een nieuwe asfaltmachine heeft, dan vragen we ze om er een presentatie over te komen geven, of de leerlingen er op locatie over te vertellen." Heel directe inbreng vanuit de praktijk dus.

Trotse directeuren

Voor de ene schooldag in de week komen de leerlingen naar Heerhugowaard of Bilthoven. Daar beschikken beide SPG’s over heel complete leeromgevingen. "Daar ben ik wel trots op, dat we een opleidingscentrum hebben dat alles in huis heeft. Het ROC zit er ook, dus we hebben onderwijs, bedrijven en leermeesters; theorie en praktijk bij elkaar op één punt." Op twee punten eigenlijk want niet alleen Heerhugowaard heeft dat zo goed georganiseerd, Bilthoven ook.
"Wat nog een mooie kracht van SPG is, is dat we vak opgeleide leermeesters in dienst hebben die de leerlingen regelmatig op de werkplek bezoeken. Ze helpen er aan mee dat jongeren goed gemotiveerd de eindstreep halen. Dat stukje begeleiding wordt steeds belangrijker in het hedendaagse beroepsonderwijs en ik denk dat wij daar als SPG goed in voorzien met ervaren mensen uit bedrijfsleven die bij ons in dienst zijn."

Stevige uitdaging

Honderd bedrijven bedienen is niet eenvoudig. Die bedrijven zien immers een enorme bouwopgave op zich afkomen en zitten stuk voor stuk te springen om goed geschoold personeel. Maar de instroom is onvoldoende om aan die vraag te voldoen. "Net als de meeste sectoren heeft de infra last van de vergrijzing", zegt Bakker. "We werken er hard aan om aan de vraag te voldoen en we zijn zeker niet ontevreden met de resultaten, maar er kan altijd meer bij." Griede vult aan: "Daarom zijn we continu op zoek naar nieuwe bronnen rondom instroom. Zo hebben we de afgelopen paar jaar aardig wat jongens uit de horeca enthousiast kunnen maken voor de infra. Verder hebben we tal van trajecten om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt kennis te laten maken met het vak. Dat moet je blijven doen, daar pluk je op de lange termijn de vruchten van."

Onbekend maakt onbemind, en dat kan anders

Volgens Bakker kunnen de bedrijven zelf ook een rol van betekenis spelen waar het om de instroom gaat. "Samen meer bekendheid aan de infra geven!", zegt hij. "En altijd de positieve aspecten benadrukken en uitstralen. Het beeld was altijd van zwaar werk. Dat was wellicht zo, maar er is inmiddels veel van het werk geautomatiseerd en er wordt zóveel met mechanische ondersteuning gedaan dat het een stuk minder zwaar is geworden. Het is gewoon een prachtige sector die schitterende projecten maakt waar je trots op kunt zijn. Nederland is heel beroemd om zijn infrawerk, als je ziet wat we wereldwijd doen op dit terrein, dat is ongekend. Dat is toch een geweldig verhaal om te vertellen?" Daarnaast, zo vinden beide directeuren, is het een sector met gigantisch veel vakgebieden en doorgroeimogelijkheden. "Je kunt op het laagste niveau binnenkomen en heel ver doorstromen", zegt Bakker. Griede beaamt dat en heeft daar een mooi verhaal over. "Eén van onze bestuurders is als leerling grondwerker bij SPG Midden Nederland begonnen. Nu is hij directeur van een aannemingsbedrijf en dus ook nog eens bestuurder bij SPG. Een mooier voorbeeld van wat de branche je te bieden heeft kun je haast niet bedenken!"

Lydia de Wit verenigingsmanager regio randstad noord

Tags

Instroom