Opleiden, onderwijs & stages

Marieke van der Post

adviseur en programmamanager
In de schoolbanken

De basis voor goed vakmanschap wordt gelegd in de opleiding. Het onderhouden en het uitbouwen van vakmanschap kan plaatsvinden door ervaring op te doen in de praktijk. Een tweede belangrijke voorwaarde is echter bij- en nascholing. Het opleiden van je medewerkers is nuttig en wettelijk verplicht. De werkgever moet medewerkers in staat stellen opleidingen te volgen om hun functie goed te kunnen uitoefenen.

De werkgever moet medewerkers opleiden voor een andere functie binnen het bedrijf wanneer de functie van de medewerker komt te vervallen of hij deze om een andere reden niet meer kan vervullen. Dit volgt uit artikel 7:611b BW dat is ingevoerd in het kader van de Wet werk en zekerheid. Het is van belang ten aanzien van de opleidingen die je aanbiedt en die gevolgd worden, een goede administratie bij te houden.

Scholing bouwplaats- en uta-werknemers: wat zegt de cao?

De basis voor goed vakmanschap wordt gelegd in de opleiding. Het onderhouden en het uitbouwen van vakmanschap kan plaatsvinden door ervaring op te doen in de praktijk. Een tweede belangrijke voorwaarde is echter bij- en nascholing. Het opleiden van je medewerkers is nuttig en wettelijk verplicht. De werkgever moet medewerkers in staat stellen opleidingen te volgen om hun functie goed te kunnen uitoefenen.

Dit volgt uit artikel 7:611b BW dat is ingevoerd in het kader van de Wet Werk en Zekerheid. Het is van belang ten aanzien van de opleidingen die je aanbiedt en die gevolgd worden, een goede administratie bij te houden.

Hoofdstuk 7 van de cao Bouw & Infra gaat over opleiding en ontwikkeling van werknemers. Hieronder staat meer informatie over scholing bouwplaatswerknemers (artikel 62a), scholing uta-werknemers (artikel 62b) en de stageregeling (artikel 67) en Opleiding & Duurzame inzetbaarheid (artikel 61).

Scholing bouwplaatswerknemer

Volgens artikel 62a cao Bouw & Infra is de werkgever verplicht de werknemer in staat te stellen scholing te volgen die noodzakelijk is voor de uitoefening van zijn functie. En, voor zover dat redelijkerwijs van hem verlangd kan worden, voor scholing ten behoeve van het voortzetten van de arbeidsovereenkomst indien de functie van de werknemer vervalt of wanneer de werknemer niet langer in staat is deze te vervullen. Alle kosten voor genoemde investeringen in behoud van vakmanschap (functionele bijscholing) komen voor rekening van de werkgever. De kosten voor functionele bijscholing worden niet uit het Individueel Budget betaald.

Investeringen die betrekking hebben op deze scholing kunnen niet worden verrekend met de transitievergoeding, maar de werkgever voldoet hiermee wel aan zijn scholingsplicht volgens de wet.

De werkgever is verplicht in zijn onderneming een opleidings- en scholingsbeleid te voeren. Per kalenderjaar dient de werkgever een scholingsplan vast te stellen. Hierbij wordt rekening gehouden met de wensen van de werknemers. Drie maanden voorafgaand aan de vaststelling van het scholingsplan worden werknemers daarvan in kennis gesteld (artikel 62a lid 3).

De werkgever is ook verplicht bij het in dienst nemen van de werknemer, die nog niet eerder in de zin van deze cao werkzaamheden heeft verricht, deze een eendaagse basiscursus 'Veilig en gezond werken' te laten volgen. Deze verplichting geldt niet voor de leerling-werknemer.

Scholing UTA-werknemers

De werkgever is verplicht de UTA-werknemer in staat te stellen scholing te volgen die noodzakelijk is voor de uitoefening van zijn functie. Voor zover dat redelijkerwijs van hem verlangd kan worden, voor scholing ten behoeve van het voortzetten van de arbeidsovereenkomst indien de functie van de werknemer vervalt of wanneer de werknemer niet langer in staat is deze te vervullen.

Alle kosten voor bovengenoemde investeringen in behoud van vakmanschap (functionele bijscholing) komen voor rekening van de werkgever. Deze worden dus niet uit het Individueel Budget gefinancierd. Investeringen die betrekking hebben op deze scholing kunnen niet worden verrekend met de transitievergoeding, maar de werkgever voldoet hiermee wel aan zijn scholingsplicht volgens de wet.

De werkgever is verplicht in zijn onderneming een opleidings- en scholingsbeleid te voeren. Per kalenderjaar dient de werkgever een scholingsplan vast te stellen. Hierbij wordt rekening gehouden met de wensen van de werknemers. Drie maanden voorafgaand aan de vaststelling van het scholingsplan worden werknemers daarvan in kennis gesteld.

Bouwopleiders verbindt opleidingsinstituten in de bouw en infra

Onze samenleving, en dus ook de bouwmarkt, is ingrijpend aan het veranderen. Er is behoefte aan dienstverleners in plaats van stenenstapelaars. Deze nieuwe realiteit is een onomkeerbaar proces en wordt ondersteund door technologische ontwikkelingen, burgerparticipatie en snelle en toegankelijke communicatie via internet. Wat beteken deze ontwikkelingen? Als professional, voor de organisatie of het team en medewerkers? De opleidingsinstituten in de bouw helpen je bij deze vragen in Bouwopleiders.

Bouwmensen, BouwCirkel, BOB, Civilion, Betonvereniging, KOB, SOMA Bedrijfsopleidingen en Bouwend Nederland Academy bundelen de krachten om één loket te vormen voor alle training en opleidingsbehoeften in de bouw en infra. Middels een persoonlijk contact of eenvoudige beslisboom krijg je snel en gericht advies over beschikbare trainingen en opleidingstrajecten, welk instituut dit verzorgt en hoe hun aanpak eruit ziet. Zo kies je een ontwikkelingsvorm die bij je past. Bouwopleiders maakt een doorlopende ontwikkeling van jou als professional, organisatie, of team mogelijk.

Voor wie is Bouwopleiders?

Bouwopleiders wijst bouwbedrijven en werknemers de weg in duurzame ontwikkeling en professionalisering. Samenwerking in onderwijs werkt. Het maakt de bouwbranche sterker en Nederland mooier. Bouwopleiders bied een totaalaanbod voor de loopbaanontwikkeling van: bouwplaats- en UTA-medewerker, projectleider, directeur, ondernemer en zelfstandige.

Wat biedt Bouwopleiders?

• advies, assessment(s), ontwikkelings- en scholingsplannen voor individu of bedrijf.
• beroepsopleidingen, functiegerichte opleidingen.
• her-, bij-, omscholing en certificering(en).
• loopbaan en ontwikkelingspaden.
• begeleiding, coaching individu of bedrijf.

Download de studieovereenkomst

Het is raadzaam voor medewerkers die een opleiding gaan volgen een studieovereenkomst op te stellen. Mocht een medewerker dan onverhoopt tijdens of na het volgen van een opleiding of het behalen van een diploma je bedrijf verlaten dan staan daarin de rechten van medewerker en werkgever beschreven. Download hier de voorbeeldstudieovereenkomst.

Stagelopen in de bouw en infra

Een stage laat een scholier of student kennismaken met het beroep waarvoor hij een opleiding volgt. Kenmerkend voor een stage is dat de leeractiviteiten centraal staan. Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling om een stageplek aan te bieden omdat dit tijdelijk een goedkope arbeidskracht oplevert.

Werkingssfeer stageregeling Bouw & Infra

Als stagiairs, waarop de Stageregeling voor de Bouw van toepassing is, worden beschouwd studerenden die binnen het kader van een stageregeling een periode van praktisch werken doorbrengen in de bouwnijverheid (ontwerp, toezicht, uitvoering, beheer & onderhoud) aan van de volgende onderwijsinstellingen: Technische Universiteit; Technische Hogescholen, Regionale Opleidingencentra (BOL niveau 1 t/m BOL niveau 4) en buitenlandse studenten die in Nederland een stage volgen.

Uitzondering: bouwplaats- en infra-assistent

Niet onder werkingssfeer van deze Stageregeling vallen de bouwplaats- en infra-assistent. Voor deze BOL niveau 1- en BBL niveau 1-opleiding bestaat een aparte regeling; VMBO leerwerktrajecten; vakantiewerk; stages van studenten aan Nederlandse onderwijsinstellingen die in het buitenland een stage volgen.) Download hier de Regeling voor de opleiding bouwplaats- en infra-assistent.

Veelgestelde vragen over stage

Geldt de Stageregeling voor de bouw voor alle stagiairs in de bouw?

Nee, de Stageregeling voor de bouw geldt voor studerenden die binnen het kader van een stageregeling een periode van praktisch werken doorbrengen in de bouwnijverheid (ontwerp, toezicht, uitvoering, beheer & onderhoud) aan van de volgende onderwijsinstellingen: Technische Universiteit; Technische Hogescholen, Regionale Opleidingscentra (BOL niveau 2 t/m BOL niveau 4) en buitenlandse studenten die in Nederland een stage volgen. Klik hier voor de Stageregeling voor de Bouw & Infra.

De Stageregeling voor de Bouw geldt niet voor de Bouwplaats- en Infra-assistent. Voor deze BOL niveau 1 en BBL niveau 1 opleiding bestaat een aparte regeling, Regeling Assistent bouwen, wonen en onderhoud (klik hier om de regeling te downloaden).

Telt een stageovereenkomst mee in de keten van arbeidsovereenkomsten?

Een stageovereenkomst is geen arbeidsovereenkomst in de zin van het Burgerlijk Wetboek. Bij een stage staat het leerelement voorop en wordt er geen productieve arbeid verricht. Daarom telt de stageovereenkomst niet mee in de keten van arbeidsovereenkomsten.

Zijn we verplicht om een stagevergoeding te geven?

Ja dat ben je verplicht. In artikel 67 cao Bouw & Infra is opgenomen dat de werkgever gehouden is om de stageregelingen voor de Bouw & Infra te volgen. De geadviseerde stagevergoeding voor HBO-/WO-stagiairs bedraagt €550 en voor MBO-stagiaires €400 per maand.

In de stageregeling worden adviesbedragen genoemd voor de stagevergoeding. Hoeveel vrijheid is er om daar van af te wijken? Is er ook een bovengrens?

In de cao staat dat de werkgevers zich aan de stageregelingen in de bouw moet houden. De stagevergoedingen die daarin vermeld staan, zijn de minimumbedragen die een stagiair zou moeten krijgen. Er is geen bovengrens voor stagevergoedingen. Je mag dus wel een hogere stagevergoeding afspreken.

Als een stagiair voor elk uur dat hij stage loopt loon ontvangt, zal de Belastingdienst in veel gevallen het standpunt innemen dat er sprake is van een 'echte' dienstbetrekking. Ook een te hoge vergoeding kan de werkgever in de problemen brengen. De Belastingdienst kan in zo'n geval van mening zijn dat de stagiair loon ontvangt en dat er dus sprake is van een arbeidsovereenkomst. Dit betekent dat het stagebedrijf minimumloon moet betalen of geconfronteerd wordt met een naheffing voor de loonheffingen.

Arbeidsjuridisch is er overigens alleen sprake van een stage als het leerelement voorop staat. De stagiair voert een opdracht uit voor school en draait eigenlijk geen productie. Bij een meewerkstage loop je het risico dat er, naast fiscaal, ook arbeidsjuridisch een dienstverband kan ontstaan.

Moeten wij stagiairs een reiskostenvergoeding geven?

In het geval dat de stagiair met instemming van de stagebieder regelmatig naar de plaats van de stage op en neer reist, kunnen de daarvoor gemaakte reiskosten volgens de bij de stagebieder geldende regeling worden vergoed. Deze vergoeding door de stagebieder geldt niet wanneer een andere regeling daar in voorziet. Studenten die niet over een ov-jaarkaart beschikken zullen een reiskostenvergoeding krijgen conform gebruik in de sector.

Moeten wij loonheffingen en premies voor de Bedrijfstak Eigen Regelingen betalen over de stagevergoeding?

De stagebieder dient over de vergoedingen een loonheffing toe te passen. Omdat de stagiair zelf in het algemeen beneden de heffingsvrije voet blijft kan de daardoor onverschuldigd betaalde loonheffing via een belastingaangifte worden teruggevorderd.

Premieheffing SV: Over het deel van de stagevergoeding welke als premieplichtig loon Sociale Verzekeringen wordt aangemerkt is premie Zorgverzekeringswet verschuldigd. Er is geen WW- en WIA-premie verschuldigd.

Stagiairs nemen niet deel aan bedrijfstakeigen regelingen (uitgezonderd de COV). Inhoudingen daarop zijn dan ook niet van toepassing. De stagiair ontvangt geen vakantietoeslag en bouwt ook geen vakantietoeslag en verlofdagen op. De stagebieder moet de stagiair apart bij APG aanmelden voor de Collectieve Ongevallenverzekering.

Wie is er aansprakelijk als de stagiair een ongeluk krijgt?

De stagebieder is, net als elke andere werkgever, aansprakelijk te stellen voor bedrijfsongevallen, hiervoor is de stagebieder veelal verzekerd (al dan niet via de Collectieve Ongevallenverzekering).

Bedrijven kunnen stagiairs, die niet beschikken over een certificaat Basisveiligheid (VCA), weigeren op bouw- en infrawerken met een verhoogd risico. Voor stagiairs gelden identieke eisen als voor overige werknemers, Arbowet, art.1, lid 2.

Stagiairs dienen zelf na te gaan of er voor hem of haar door stagebieder en/of onderwijsinstelling een ongevallenverzekering is afgesloten. Aanbevolen wordt dat de stagiair als particulier zelf een WA-verzekering afsluit; opname in een gezinspolis is doorgaans niet meer afdoende als de stagiair achttien jaar of ouder is.

De stagebieder kan er voor kiezen om de stagiair via APG, bij de Collectieve Ongevallen Verzekering aan te melden. 

Wie is er aansprakelijk als de stagiair schade veroorzaakt?

De stagebieder is, in principe, aansprakelijk als de stagiair tijdens het uitvoeren van zijn werkzaamheden schade veroorzaakt, bijv. aan het bezit van derden. Het is dus belangrijk dat de stagiair in de Aansprakelijkheidsverzekering van de stagebieder wordt opgenomen of dat er voor de stagiair een aparte aansprakelijkheidsverzekering wordt afgesloten.

 

Training: Verbeter je P&O

Wil je de personeels- en organisatiezaken goed op orde hebben? Dan is dit de training voor jou!

Meld je aan