PFAS is een niet-genormeerde stoffengroep en mag daarom niet voorkomen in de grond, totdat er een norm is gesteld. Met het tijdelijk handelingskader dat op 1 oktober 2019 van kracht werd mocht geen grond meer verplaatst worden als er meer dan 0,1 microgram PFAS per kilo bouwgrond in de bodem zat. Hierdoor kwamen veel projecten stil te liggen. Door de norm op 1 december 2019 te verhogen naar 0,8 microgram PFAS per kilo creëerde de minister ruimte voor grondverzet en baggerwerkzaamheden. Maar de sector is hiermee nog niet geholpen.

Waarom vinden we dat?

De bouwsector is niet de vervuiler. De sector gebruikt namelijk geen PFAS en loost het ook niet. Toch worden bouw- en infrabedrijven gedupeerd voor iets waar zij geen schuld aan hebben en wat ze niet zelf kunnen oplossen.

Waar zetten wij op in?

  • Een definitieve norm voor het gebruik van grond onder oppervlakte water. Belangrijkste knelpunt op dit moment is namelijk de niet-veranderde norm van 0,1 voor toepassing van grond in oppervlaktewater (diepe plassen)
  • Structureel bronbeleid voor stikstofuitstoot en productie van PFAS (zeer zorgwekkende stoffen)
  • Projecten waar mogelijk naar voren te halen, door maximaal gebruik te maken van de mogelijkheden die het aangepaste tijdelijk handelingskader biedt

PFAS


“De bouw en infrasector mag geen grond verplaatsen als daar meer dat 0,8 microgram PFAS per kilo in zit. Terwijl de producent Chemours kilo’s mag blijven lozen. Ik roep minister Van Nieuwenhuizen op het probleem bij de bron te bestrijden, en snel met een definitieve en werkbare norm te komen.”

Maxime Verhagen
Maxime Verhagen
Bouwend Nederland