West Friesland aan de slag met pilot geïntegreerde aanpak nutsaansluitingen

Door R. (Ruben) Heezen , 16 maart 2018

West Friesland aan de slag met pilot geïntegreerde aanpak nutsaansluitingen

Bouwers, politiek en nutsbedrijven in West-Friesland slaan de handen ineen om één van de grootste problemen bij nieuwbouwprojecten te tackelen.

Een gezamenlijke aanpak moet voorkomen dat woningen weken later dan nodig worden opgeleverd doordat de aansluitingen van nutsvoorzieningen ontbreken. Tijdens een bijeenkomst op 14 maart maakten Samir Bashara, Koos Konijn (wethouders in respectievelijk Hoorn en Koggenland), Janne van Excel (lid van het Algemeen Bestuur van Bouwend Nederland) en vertegenwoordigers van diverse nuts- en lidbedrijven in de regio eerste afspraken over een geïntegreerde aanpak.

Alle partijen vertegenwoordigd
Tijdens de bijeenkomst is gekeken naar een speciaal ‘Bouwoverleg’ met een stuurgroep die bestaat uit een vertegenwoordiging van bestuurders van de West-Friese gemeenten, bestuurlijke vertegenwoordiging van de nutsbedrijven en van Bouwend Nederland. 
Daarnaast komt er een werkgroep van ambtenaren van de gemeenten en projectleiders van de marktpartijen; de mensen die de daadwerkelijke uitvoering voor hun rekening nemen dus. Het idee is dat hiermee alle processen in de werkgroep bijeen zijn gebracht, van de vergunningsprocedures bij de gemeenten tot de aanvraagprocedures bij netbeheerders en de uitvoer/realisatietak. Doel van deze structuur is om tot een geïntegreerde aanpak te komen vanaf de voorbereidingen van het werk tot en met de tijdige oplevering van de woning.

Voor de korte én de lange termijn
Eerste doelwit is het acute probleem in de nieuwbouw: de te late oplevering van woningen. Daarnaast is het idee dat de geïntegreerde aanpak ook zijn vruchten zal afwerpen bij het herstel en vervanging van kabels en leidingen met het oog op onder andere de energietransitie. Een gezamenlijke en goed gestructureerde werkwijze moet duidelijk in kaart brengen wanneer projecten op de markt gaan komen zodat planningen er op kun worden afgestemd en capaciteitsproblemen vroegtijdig kunnen worden gesignaleerd en opgelost. 
Het Algemeen Bestuur van Bouwend Nederland ziet de West-Friese benadering als een pilot waar op termijn heel Nederland profijt van kan hebben.



Over de auteur

R. (Ruben) Heezen