BNR Bouwmeesters: A-label vaak onrendabel

Door Redactie Bouwmeesters , 24 mei 2018

BNR Bouwmeesters: A-label vaak onrendabel

Nederland heeft zich met 'Parijs' verplicht om de CO2-uitstoot te halveren in 2030. Om die doelstelling te halen moeten huiseigenaren eigenlijk allemaal hun huis isoleren. Toch kunnen ze misschien beter nog even wachten met het opplussen van hun huis tot A++ of zelfs BENG-label. Want het Economisch Instituut voor de Bouw heeft in een rapport uitgerekend dat het in veel gevallen niet verstandig is om nu al maximaal te investeren in de energiezuinigheid van je huis. Dat was het onderwerp van BNR Bouwmeesters van woensdag 23 mei.

We praatten er in de studio over met:

-Taco van Hoek, directeur van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) en mede-auteur van het rapport

en

-Folkert Linnemans, innovator bij Bouwgroep Dijkstra Draisma

Kosten en baten

Energiebesparingsmaatregelen in een woning die al vrij energiezuinig is, zijn duur terwijl de energiebesparing die je ermee bereikt relatief gering is, verduidelijkte Van Hoek de uitkomst van het EIB-rapport. Een conclusie daarin luidt dat bij het opplussen van een woning van energielabel C naar (bijna) energieneutraal, de kosten niet opwegen tegen de baten. Van Hoek: “In dat meest ambitieuze traject haal je maar een kwart van de investering via een lagere energierekening terug. Dat verklaart ook waarom maar weinig huiseigenaren uit eigen beweging hun woning energieneutraal maken.” Linnemans tekende daarbij aan dat het kostenplaatje er anders uitziet als er ook wordt gekeken naar de kosten van infrastructuur en van productie van energie. Meer energiebronnen en infrastructuur aanleggen voor meer energieverbruik kost ook geld.”

Ambitieniveau

De totale woningvoorraad energieneutraal maken tegen 2050 kost 240 miljard euro, rekent het EIB voor. Eerst alle woningen naar Label-B tillen ‘en dan weer verder kijken’, zou volgens Van Hoek die kosten met dertig procent drukken. “Nog steeds een respectabel bedrag, maar de kosten en de baten zouden er wel veel dichter door bij elkaar komen te liggen”. Centrale vraag is voor welk ambitieniveau er wordt gekozen. Van Hoek: “Moeten alle woningen energieneutraal worden of maken we een deel van de woningvoorraad wel heel energiezuinig maar niet volledig. Dat scheelt dus aanzienlijk in de kosten.”

Faseren

Van Hoek noemde ook de optie van meer tijd nemen: “Overhaasten we het niet? Want kosten kunnen in de tijd dalen door innovaties en door produceren op grote schaal. Daar hebben we in het rapport ook naar gekeken. Dus faseren en als woningeigenaar zorgen dat je woning wel een stuk energiezuiniger wordt maar niet helemaal. Later kun je dan doorstoten naar dat hogere ambitieniveau. Want het ene sluit het andere niet uit. Uit ons rapport blijkt dat er in die optie ook perspectief zit, maar dat die dus wel meer tijd kost.”

Schaarste aan vakmensen

Soms is het wel zinvol om in een keer de grote stap naar energieneutraal te maken, bijvoorbeeld met corporatiewoningen uit de jaren zestig en zeventig, legde Linnemans uit. “Dat kost veel geld maar je kunt het als wijkvernieuwing doen en dan zijn die woningen wel weer voor veertig jaar op niveau en meteen ook van het gas af, want dat speelt ook mee.” Maar Van Hoek benadrukte het belang van faseren ook gelet op de schaarste aan vakmensen in de bouw: “De hele woningvoorraad energieneutraal maken vergt naar schatting een verdriedubbeling van het aantal mensen dat dit soort werk doet. Reken je het effect van de technologische ontwikkeling zoals robotisering mee, dan levert dat een arbeidsbesparing op misschien van vijftien procent, maar dan praat je nog over vijftigduizend manjaren. Dus laten we proberen om het op een goede manier te faseren.”

Verplichten of prikkelen

Woningbezitters zover krijgen dat ze hun woning energiezuiniger maken, kan door ze daar wettelijk toe te verplichten of door ze daartoe te verleiden met een prikkel. Van Hoek: “Het is fijner om mensen te prikkelen dan om het verplicht te stellen. Dus zorg er nou met marktconforme maatregelen voor dat energiebesparing meer loont. Dat kan via de energierekening maar bijvoorbeeld ook door bepaalde isolatiematerialen in het lage btw-tarief te brengen.” Van Hoek temperde in dit verband ook Linnemans hoop op lagere kosten als gevolg van innovaties en industrialisering: “De inschatting is dat we daar misschien wel 30 miljard euro aan kosten mee kunnen besparen, maar dan zijn we er nog niet. Er blijft een enorm gat over wat we op andere manieren zullen moeten overbruggen als we die kant op willen.” 

Luister hier naar de uitzending


ENERGIEZUINIGE BESTAANDE BOUW

Over de auteur

Redactie Bouwmeesters