Wet kwaliteitsborging voor het bouwen, wat is de stand van zaken?

Door R. (Ruben) Heezen , 15 augustus 2018

Eind juni heeft minister Ollongren de Eerste Kamer in een brief op de hoogte gebracht van de stand van de zaken van de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen. De minister is voornemens om de Wet Kwaliteitsborging gelijk met de nieuwe Omgevingswet in te laten gaan, de beoogde invoeringsdatum is halverwege 2021, en adviseert de Eerste Kamer de behandeling van de Wet voort te zetten.

De Eerste Kamer wil echter eerst een ingelast debat in de Tweede Kamer afwachten, alvorens de wet inhoudelijk te behandelen. Ook heeft de minister aangegeven meer pilotprojecten te willen doen. Ollongren wil tevens afspraken maken met de VNG, over de bevoegdheidsverdeling tussen het ‘bevoegd gezag’ en de kwaliteitsborgers.

Kwaliteit moet lonen

Bouwend Nederland heeft altijd een wet bepleit die enerzijds bouwkwaliteit een impuls geeft, maar die anderzijds geen verdere juridisering of kostenverhoging in de hand werkt. Het doel moet zijn om tot een systeem te komen dat het leveren van kwaliteit beloont, zodat bouwbedrijven zich meer dan nu positief kunnen onderscheiden. Helaas denken we dat het huidige voorstel dat niet zal realiseren.

Vervolg

Wanneer de wet wordt aangenomen, dan stellen we stapsgewijze invoering voor. De wet Kwaliteitsborging voor het bouwen is immers een ingrijpende wijziging. Als de Eerste Kamer besluit de wet op deze manier niet in te laten gaan, dan zal Bouwend Nederland in overleg met leden en stakeholders aan de slag gaan om te zorgen dat de bouw- en infrasector meer kwaliteit kan leveren tegen geringere kosten.

Indien er wordt besloten om deze wet inderdaad gelijk met de Omgevingswet in te laten gaan, zal Bouwend Nederland de leden hierop voorbereiden door onder andere voorlichtingsbijeenkomsten te organiseren.



Over de auteur

R. (Ruben) Heezen