Veel kansen bij invullen kwalitatieve woningbehoefte Overijssel

Door H. (Han) de Groot , 04 december 2018

Veel kansen bij invullen kwalitatieve woningbehoefte Overijssel

Overijssel kent veel kansen om stappen te nemen waardoor overal in de provincie aan de kwalitatieve woningbehoefte voldaan kan worden. Dat blijkt uit onderzoek van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) in opdracht van de provincie Overijssel en Bouwend Nederland. Voor beide partijen biedt dit aanleiding om op dit thema op een realistische en ambitieuze manier samen te werken en een agenda te gaan invullen. Zowel Provincie Overijssel als Bouwend Nederland hebben uitgesproken hiermee aan de slag te willen gaan, waarbij bijvoorbeeld het ineen slaan van de handen met gemeenten een belangrijke factor is.

Het EIB onderzocht de kwantiteit, kwaliteit en haalbaarheid van de woningbouwplannen 2018-2028. Daaruit blijkt dat de plancapaciteit per regio sterk verschilt waardoor in sommige gebieden een gezonde overcapaciteit is, maar elders de schoen wringt. Ook de Nationale Woonagenda geeft hier duidelijke kaders voor mee. Dat geldt met name voor stedelijk West-Overijssel waar het EIB aanbeveelt extra woningen in de plancapaciteit te organiseren. In Twente ligt er vooral een kans in herprogrammering om vraag en aanbod zo goed mogelijk op elkaar aan te zien sluiten. Bijvoorbeeld door te monitoren en snel in te spelen op kansrijke zachte plancapaciteit, kan dit op korte termijn omgezet worden naar harde plancapaciteit.

Twee van de vijf woningen in risico

Overijssel en Bouwend Nederland pakken naar aanleiding van die aanbevelingen nu de handschoen samen op. Zij kijken welke vraagstukken aangepakt kunnen worden om tijdig voldoende kwalitatief aanbod te voorzien en de totale woningopgave in Overijssel te halen en daarbij de aanbevelingen uit het rapport als belangrijk leidraad mee te nemen. Het is echter belangrijk ook op de lange termijn te blijven werken aan een kansrijke woningmarkt. Het EIB concludeert dat twee van de vijf woningen, zeker bij inbreiding, een realisatierisico loopt. In het verkleinen van die risico’s spelen de markt, de provincie en ook in belangrijke mate de gemeenten een doorslaggevende rol.

Drempels wegnemen

Bouwend Nederland gaat daarom samen met Overijssel in een samen op te pakken en nader in te vullen agenda zich specifiek richten op het verkleinen van de risico’s bijvoorbeeld door gemeenten hierop te adviseren en instrumenten te geven hoe die vallen op te lossen. Zo wordt het makkelijker om de al ingezette programmering ook haalbaar in te vullen.

Woningen die voldoen aan de vraag

Volgens provinciaal bestuurder Monique van Haaf moeten we veel meer oog hebben voor wát we bouwen. “We moeten zorgen dat woningen passen bij de vraag van vandaag, en die van morgen. In gebieden met groei moeten we versnellen en gebieden met leegstand transformeren. Want niet alleen de woningnood, ook de achterblijvende groei verdient nu het ons economisch goed gaat alle aandacht.” Het gaat dus om meer aandacht voor de kwalitatieve vraag en of de woningen die gebouwd kunnen worden voldoen aan de wensen van toekomstige bewoners. In de toekomst zal er een grote behoefte zijn aan wonen in steden, maar zullen er ook mensen zijn die juist in een groene omgeving willen wonen. Bouwend Nederland en de provincie streven daarom naar op regionale woningbouwprogrammeringen die aansluiten bij de behoefte.

Flexibiliteit in woningprogrammering gewenst

Hans van Norel, voorzitter Bouwend Nederland Regio Oost, vult aan dat we zien dat “de wereld verandert en door soms onzekere veranderingen is flexibiliteit in de woningprogrammering belangrijk. In Overijssel zijn tussen de verschillende gebieden grote verschillen. Daarom is het des te belangrijker te blijven investeren in het wegnemen van onnodige hordes en onzekerheden voor de omgeving, potentiële kopers en de bouw.”


WONINGMARKT

Over de auteur

H. (Han) de Groot