Waarom de Startmotor de katalysator van de energietransitie is

Door M.J.M. (Maxime) Verhagen , 29 november 2018

Waarom de Startmotor de katalysator van de energietransitie is

Om de klimaatdoelstellingen te halen vindt Bouwend Nederland het cruciaal dat het Klimaatakkoord grootschalige verduurzaming mogelijk maakt. De werkgroep Startmotor, onderdeel van de ‘tafel’ Gebouwde Omgeving, onderzoekt hoe opschaling gerealiseerd kan worden, bij voorkeur op zeer korte termijn. Voor de hand ligt te beginnen bij de verduurzaming van het woningcorporatiebezit omdat hiermee veel gelijksoortige woningen tegelijkertijd aanpakt kunnen worden. Zo kan de energietransitie meteen een vlucht nemen. 

Opschaling is nog om een andere reden van groot belang. Om de beoogde 3,4 Mton CO2 te reduceren in de gebouwde omgeving moeten de kosten voor verduurzaming omlaag en de aanpak efficiënter. Innovatie en industrialisatie zijn noodzakelijk om te zorgen dat bouwbedrijven meer huizen per week kunnen aanpakken. Om bedrijfseconomisch verantwoord te kunnen investeren, moeten zij zicht krijgen op een continue en voorspelbare marktvraag.

Er moeten echter veel meer woningen onderhanden worden genomen tot 2030 dan in de Startmotor beoogd worden. Zonder de lessen uit de Startmotor is opschalen en het vergroten van efficiëntie onhaalbaar en onbetaalbaar.

Investeren in een efficiëntie aanpak van verduurzaming moet in aanbestedingen beloond worden. Als er voor ondernemingen in de bouwwereld zicht is op een meer voorspelbare en grote vraag naar renovaties, dan kunnen ze investeren in industrialisatie. Dan kunnen ze tegen een scherpe prijs inschrijven. Ook kunnen zij dan investeren in het opleiden van vakmensen in de bouw met de vaardigheden die we in de toekomst hard nodig hebben.

Het is vervolgens aan gemeenten, woningbouwcorporaties om vooral aan de slag te gaan met de warmtetransitie in de wijken met woningtypes waarvoor een gesubsidieerd, aantrekkelijk aanbod bestaat. Zo wordt de transitie voor huiseigenaren en huurders betaalbaarder. En daarmee voor heel Nederland.

Al voor 2030 moet een groot aantal woningen in particulier bezit worden aangepakt. Ontzorgen van woningeigenaren moet daarom een belangrijk onderdeel zijn van het aanbod dat bouwcombinaties doen. Hiervoor zijn gebouwgebonden financieringsconstructies een oplossing om grote aantallen particuliere eigenaren over te kunnen halen om te investeren in hun woning.

Al met al zijn de komende 5 jaar cruciaal voor een geslaagde energietransitie op de lange termijn. Essentieel is daarom dat:

  • de woningbouwcorporaties snel kunnen starten met grootschalige verduurzaming. Die zogenaamde startmotor-projecten kunnen ons leren hoe we grote aantallen woningen efficiënt kunnen verduurzamen, zowel technisch als organisatorisch. De Rijksoverheid een innovatieprogramma opstart. Er moet veel geleerd worden en er moet een verduurzamingsmarkt op gang worden gebracht die het efficiënt renoveren van bijna anderhalf miljoen woningen mogelijk maakt. Zo nodig moet het rijk het voortouw nemen in het tenderen van grote aantallen renovaties. Zo ontstaat er een aantrekkelijk aanbod voor de gemeenten.
  • de randvoorwaarden voor het rijk, gemeenten, corporaties, burgers financiers en marktpartijen moeten snel geregeld worden. De huidige wet- en regelgeving past niet bij de inspanningen die we moeten leveren.
  • woningeigenaren die niet in staat zijn de aanpassingen aan hun woning te financieren, moeten gerichte ondersteuning krijgen. Als wijken van het gas gaan, kunnen we ons zeker in die wijken geen achterblijvers permitteren.

Ontsteekt Wiebes de Startmotor of gaan we als een boemeltreintje verder? 


DUURZAAMHEID

Over de auteur

M.J.M. (Maxime) Verhagen

Voorzitter Bouwend Nederland