De Overijsselse aanpak: ruimte voor gesprek en initiatief

Door Monique van Haaf , 14 maart 2019

De Overijsselse aanpak: ruimte voor gesprek en initiatief

De bouw zit in de huidige hoogconjunctuur op een voortdenderende trein. Het aanpassen van de bedrijfsprocessen op de veranderingen die de nieuwe woonbehoefte met zich meebrengt vraagt om durf, visie en om denken en doen buiten de bestaande kaders. Daarom staan wij als provincie aan de lat om innovatie aan te moedigen. Het gaat om wát we bouwen in plaats van hoeveel we bouwen!  

We doen dat vooral door kennisuitwisseling te stimuleren en met succes. Dit netwerk heet de Woonkeuken. Op initiatief van de provincie komen gemeenten en andere overheden, bouwers, projectontwikkelaars, bewoners, makelaars, corporaties en andere betrokkenen eens in de twee maanden samen. Naast dat hier wordt gepraat met (en geluisterd naar) elkaar worden er vooral zaken gedaan. Het gaat om de vraag welke woningen je waar wilt hebben. We omarmen vernieuwende ideeën, maar die moeten wel uitvoering krijgen. Vrijwel alle betrokkenen doen mee en staan open voor experimenten met regelvrije zones. Natuurlijk blijven basisregels gelden. Een plan moet ook passen in de visie op het gebied. Maar als dat goed zit, kunnen we samen de ruimte tussen de regels benutten. Resultaat is dan maatwerk en nieuwe, innovatieve woonvormen voor de invulling van de woonbehoefte en de leefomgeving van nu en in de toekomst.

Concreet voorbeeld van samenwerken is het Concilium Zwolle. Zwolse bouwers, ontwikkelaars, woningcorporaties, makelaars, de gemeente en de provincie werken samen met het Expertteam woningbouw van het ministerie van Binnenlandse Zaken aan het versnellen van de bouw van woningen in Zwolle. Deze aanpak is uniek in Nederland. In geen enkele andere provincie wordt zo intensief samengewerkt aan oplossingen voor de woningmarkt.

Sterke bouwsector
Er is ook een sterke motivatie om innovatief te ondernemen, op kop te lopen. Die instelling komt goed van pas, want nu de circulaire economie zijn intrede doet in de bouw staan er grote veranderingen op stapel. Grootste drijfveer daarbij is de verantwoordelijkheid voor de generaties na ons en vanuit het besef dat de eindigheid van grondstoffen zich steeds sterker doet voelen. De bouw kan en moet daar een substantiële bijdrage aan leveren. De Overijsselse bouwsector heeft het in zich om landelijk toonaangevend te worden in de circulaire economie. Door de lange, ambachtelijke traditie en door de drang om te innoveren hebben we sterke troeven in handen. Bovendien hebben we hier letterlijk de ruimte om te bouwen en te experimenteren! 


ONDERNEMERSCHAP EN INNOVATIE

Over de auteur

Monique van Haaf

Gedeputeerde voor de portefeuille Ruimte, Grondbeleid en Handhaving voor de provincie Overijssel