Waarom koos waterschap voor minder contract?

Door Redactie Bouwmeesters , 28 maart 2019

Waarom koos waterschap voor minder contract?

Nooit meer ruzie over tegenvallers, geen verstoorde werkrelaties en een eerlijke risicoverdeling waarbij bouwers een faire prijs krijgen voor hun werk. Dit ideaal beeld is volgens Henkjan van Meer, beleidsadviseur opdrachtgeverschap van de Unie van Waterschappen (UvW) binnen handbereik voor de waterschappen die samen met Bouwend Nederland en andere brancheverenigingen in de Waterschapsmarkt de Marktvisie ontwikkelden voor goed opdrachtgeverschap en slim opdrachtnemerschap. De vernieuwde samenwerking brengt iedereen zonder ongemak snel verder. 

‘Aandacht voor de zachte kant’ en ‘van contract naar contact’ kenmerkt het opdrachtgeverschap van de waterschappen naar de bouw waarbij samenwerking het sleutelwoord is. “Waar ik voorheen twee verschillende belevingswerelden zag, namelijk die van de opdrachtgever en opdrachtnemer, zie je nu dat bouwers en waterschappen samen optrekken. Dat levert mooie resultaten op”, vertelt Henkjan van Meer. Een voorbeeld hiervan is de flexibele waterkering bij Bunschoten-Spakenburg. Deze uitklapbare damwand van 350 meter werd mogelijk doordat waterschap en opdrachtnemer samen nadachten over een mogelijke oplossing. “Daar hebben een aannemer en een projectleider van het waterschap elkaar echt gevonden. Op technisch gebied een mooi innovatief project, maar voor mij vooral een goed voorbeeld van hoe een goede samenwerking kan bijdragen aan een goed resultaat.

Meters maken

Deze manier van samenwerken komt niet uit de lucht vallen. In 2014 realiseren de waterschappen zich dat de tijd voorbij is dat je als opdrachtgever simpelweg een contract en uitvraag opstelt en aan het eind van de rit controleert of het opgeleverde werk voldoet. “Maatschappelijke ontwikkelingen zoals klimaatverandering, technologische ontwikkelingen en burgerparticipatie maken dat een andere manier van samenwerken en een andere relatie tussen opdrachtgevers en opdrachtnemers noodzakelijk is. Als waterschap kan je het niet meer alleen. Je zal meer en meer de markt nodig hebben om de opgaven waar wij voor staan te realiseren. Projecten worden groter en ingewikkelder en die klussen kan je alleen samen met de markt klaren”, stelt Van Meer. Ook belangrijke opgaven in het waterbeheer zoals het waarborgen van waterveiligheid, het voorkomen van wateroverlast en het verduurzamen van het zuiveringsproces, vragen hierom.

Kennis delen

Samen met Bouwend Nederland, de waterschappen en andere partijen ging daarom de UvW in 2016 aan de slag met een praktisch vervolg op de visie uit 2014. Het visiedocument rust op drie bouwstenen. Allereerst gaat de Marktvisie er vanuit dat een project slaagt als er maximale maatschappelijke waarde is gecreëerd, daarbij gaat het er vooral om dat kennis wordt gedeeld. “Inzet is om samen met de bouwers verder te komen zoals dat in Bunschoten-Spakenburg is gelukt”, aldus Van Meer. Tweede speerpunt is dat de mens daarbij centraal staat. In de praktijk betekent dit dat zowel opdrachtgevers als opdrachtnemers elkaar beter moeten leren kennen. Dan gaat het niet om een middag bijpraten met koffie, maar echt elkanders werkprocessen doorgronden. “Zo heb ik meegemaakt dat waterschappers meedraaiden op een tenderafdeling van een bouwonderneming en ondervonden hoe het voor hen is als een voorstel het niet haalt bij een aanbesteding. Als je begrijpt hoeveel werk er in een voorstel wordt gestoken, snap je ook dat een summiere afwijzing niet bestaat. Anderzijds is het prachtig als bouwers mee kunnen kijken op het waterschap en begrijpen welke afwegingen een waterschap maakt. Wie dat doorheeft, kan gerichter meedingen in een aanbesteding”, legt Van Meer uit.

Gezonde Bouwkolom

Met elkaar beter leren kennen, ben je er volgens de Marktvisie er nog niet. Ook bij een gezonde samenwerking hoort dat er goed wordt nagedacht over het beheersen van risico’s. De derde bouwsteen uit het visiedocument wordt dan ook omschreven als het hebben van een gezonde bouwkolom: “Het lastige van het werk van een waterschap is dat je nooit alle risico’s kan wegcijferen. Neem nu een dijkverhoging. Daar kun je goede berekeningen op los laten, maar je weet nooit zeker wat je aantreft als je daadwerkelijk gaat graven. Voor de komst van de Marktvisie was die risicobeheersing niet goed geregeld, maar nu praten we tijdens het bouwproces al met elkaar over zaken die tegenvallen. En ook over hoe we die samen gaan oplossen”, vertelt Van Meer.

Eerlijk verdienmodel

Behalve het beter in kaart brengen van risico’s benadrukt de marktvisie ook het belang van een eerlijk verdienmodel voor alle partijen in de keten. Hierbij moet zowel opdrachtgever als opdrachtnemer uitgaan van een financieel gezond voorstel. “Dus niet gaan voor het goedkoopste plan om daarna te ontdekken dat er beknibbeld is op allerlei posten. Dat vraagt van bouwers om met een gedegen plan te komen, maar ook van ons als opdrachtgever om kritisch te zijn en verder te kijken dan het geboden kostenplaatje. Het waterschap heeft als opdrachtgever er behoefte aan dat een bouwonderneming gezonde marges pakt op een project. Daarmee investeert die in personeel, in een goede prijs voor onderaannemers en in de relatie met de opdrachtgever. Daardoor loopt zo’n project veel soepeler en voorkom je onvoorziene kosten die voortkomen uit ‘hick-ups’ en blijft de omgeving tevreden.”

Geen vriendjespolitiek

De UvW is er scherp op dat een goede werkrelatie niet leidt tot vriendjespolitiek. De Marktvisie benadrukt dan ook het belang van transparant handelen. Van Meer wijst er op dat ook de waterschappen hard hebben gewerkt aan professioneel inkopen en aanbesteden: “De waterschappen hebben nu een professionele inkoopfunctie. Je moet altijd duidelijk kunnen maken waarom je bepaalde keuzes maakt. Dat is belangrijk, ook als een opdracht niet wordt gegund aan een partij, want je wil ook later met elkaar kunnen blijven praten.”

Wennen voor bestuurders

Met de verkiezingen achter de rug, verwelkomen de waterschappen ook weer nieuwe bestuurders en nieuwe colleges. Deze nieuwe mensen zijn niet allemaal op de hoogte van de Marktvisie. Daarom komen er drie regiobijeenkomsten waarin nieuwkomers worden bijgepraat. “Portefeuillehouders moeten weten dat dit speelt. Je moet begrijpen waarom bepaalde keuzes worden gemaakt en welke doelstellingen waterschappen via professioneel opdrachtgeverschap nastreven. Denk daarbij aan een actueel thema als bijvoorbeeld circulair bouwen dat via de bouwsteen ‘maximale maatschappelijke waarde’ is meegenomen in de Marktvisie. Je moet als bestuurder weten wat de gedachte achter de Marktvisie is. Als je hiervan op de hoogte bent, kun je een juiste afweging maken. Het is mooi om te zien hoe een praktische werkwijze bestuurders helpt kaders te geven aan beleid”, aldus Van Meer. 


DUURZAAMHEID BEVORDEREN KETENSAMENWERKING MARKT

Over de auteur

Redactie Bouwmeesters