Buitenlandse arbeidskrachten zijn niet meer weg te denken uit de Nederlandse bouw

Door Martin Koning , 27 juni 2019

Buitenlandse arbeidskrachten zijn niet meer weg te denken uit de Nederlandse bouw

 Tot voor kort was het onduidelijk hoeveel in het buitenland geboren personen in de bouw werkzaam zijn. Het Economisch Instituut voor de Bouw heeft nu voor het eerst een totaaloverzicht gemaakt van het aantal buitenlandse arbeidskrachten in de bouw. Vanuit het CBS is informatie ontvangen over de buitenlandse werknemers en zzp’ers. Wij hebben zelf, mede op basis van gesprekken met een aantal detacheringsbureaus, een inschatting gemaakt van het aantal buitenlandse uitzendkrachten en gedetacheerden.

De sterke opleving in de Nederlandse bouwsector heeft geleid tot een spectaculaire groei van het aantal buitenlandse arbeidskrachten. In 2015 waren er naar schatting 34.000 buitenlandse arbeidskrachten werkzaam op de bouwplaats. In 2017 is dit aantal toegenomen tot 41.000, een stijging van ruim 20% in twee jaar tijd. Buitenlandse arbeidskrachten hebben hiermee een belangrijke rol gespeeld bij de sterke groei van de arbeidscapaciteit in de afgelopen jaren. Zij droegen voor 40% bij aan de uitbreiding van de arbeidscapaciteit. Het gaat hierbij om werknemers, zzp’ers, gedetacheerden en uitzendkrachten. Belangrijk hierbij was met name de stijging van het aantal Poolse en Bulgaarse werknemers en zzp’ers. Het (veruit) belangrijkste motief voor bedrijven om buitenlandse arbeidskrachten in te schakelen, ligt in het verkrijgen van extra arbeidscapaciteit.


Als de groei dit en het komende jaar in hetzelfde tempo doorzet, dan zal het aantal buitenlandse arbeidskrachten in 2020 uitkomen op 53.000. Hiermee zal dan bijna één op de vier arbeidskrachten op de bouwplaats een buitenlandse arbeidskracht zijn. De verwachting is dat vanaf 2020 de bouwarbeidsmarkt in een wat rustiger vaarwater komt. De groei van het aantal buitenlandse arbeidskrachten zal in latere jaren dan ook wat afvlakken.

Communicatie vormt het belangrijkste aandachtspunt bij de inzet van buitenlandse arbeidskrachten. Uit het onderzoek komt naar voren dat communicatie en veiligheid de belangrijkste aandachtspunten zijn als het gaat om het werken met buitenlandse arbeidskrachten. Hierbij kan gesteld worden dat problemen rond veiligheid ook vaak met communicatie te maken hebben en dat op het moment dat de communicatie verbeterd wordt, de veiligheid ook zal verbeteren. De vakkennis van een ervaren buitenlandse arbeidskracht wijkt volgens betrokkenen niet sterk af van het niveau van een ervaren Nederlandse arbeidskracht. Met de sterke stijging van het aantal buitenlandse arbeidskrachten ligt er voor het verbeteren van de communicatie op de bouwplaats een belangrijke opgave bij zowel de bedrijven als de paritaire organisaties.

Kortom, de buitenlandse arbeidskrachten vormen een belangrijke groep voor de Nederlandse bouw. Inmiddels is ruim een vijfde van de mensen op de bouwplaats in het buitenland geboren. De buitenlandse arbeidskrachten zijn niet meer weg te denken uit de Nederlandse bouw. Met de oplopende schaarste op de bouwarbeidsmarkt zijn zij nu een onmisbare schakel om aan de sterke productievraag te kunnen voldoen. De grote uitdaging is om de communicatie op de bouwplaats beter te organiseren en daarmee de samenwerking met ander personeel en de veiligheid op de bouwplaats te verbeteren.


MODERN PERSONEELSBELEID EN DUURZAME INZETBAARHEID VEILIGHEID OP DE BOUWPLAATS (ARBO) ARBEIDSMARKT

Over de auteur

Martin Koning

Senior projectleider/onderzoeker bij het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB)