BNR Bouwmeesters: Is bouwen boven spoor nog te duur?

Door Redactie Bouwmeesters , 26 september 2019

BNR Bouwmeesters: Is bouwen boven spoor nog te duur?

Vanwege BNR Mobility Week verbindt Bouwmeesters in de uitzending van 23 september mobiliteit en de bouw. Centraal staat de vraag: kunnen we bouwen boven het spoor?

Te gast waren:

Eric Luiten, Spoorbouwmeester en hoogleraar Landschapsarchitectuur aan de TU Delft;

en

Sebastiaan de Wilde, directeur Vastgoed & Ontwikkeling bij de NS.

Stations snel te klein

Net als vorige week begon de uitzending met bouwflaters. Eric Luiten kan geen grote flaters bedenken maar ziet wel ruimte voor verbetering: “Een aantal stations in Nederland is echt aan vernieuwing toe. Sloterdijk in Amsterdam of station Nijmegen moeten beter kunnen.” Luiten vindt dat je een voorbeeld kan nemen aan andere stations in Nederland: “De nieuwe stations in Eindhoven en Rotterdam zijn erg geslaagd.” Ook Sebastiaan de Wilde heeft het niet graag over bouwflaters. “Maar als ik dan toch iets moet noemen: nog voor we klaar zijn met vernieuwen is een station alweer te klein”, aldus De Wilde.

Place to be

Bouwen boven stations wordt steeds interessanter voor vastgoedontwikkelaars. Dat stelt Eric Luiten, bekleder van de in 2001 opgerichte functie ‘Spoorbouwmeester’. Luiten denkt dat dat te maken heeft met de ontwikkeling van stations: “Stations zijn steeds meer een ‘place to be’. In de jaren ‘90 moest je je nog een weg banen door de junks, maar tegenwoordig is het een representatief deel van de binnenstad.” De Wilde beaamt het verhaal van Luiten: “Boven Amsterdam Centraal zit al een Ibis hotel en ook nieuwe stations bouwen we met overbouw.”

Boven het spoor

Maar niet alleen stations zijn interessant. De Wilde zegt dat ook boven het spoor steeds aantrekkelijkere bouwgrond ontstaat: “Grondprijzen in de stad gaan door het dak en we bouwen al een hoop onder het spoor. Als je echt alles eruit wil halen, moet je ook boven het spoor kijken.” De Wilde denkt niet alleen aan kantoren en woningen: “Ook openbare ruimtes zouden goed boven het spoor passen.” De vastgoedontwikkelaar heeft al een paar plekken in gedachten waar hij wil bouwen: “Rondom station Sloterdijk waar het eerder al over ging. Of richting Den Haag Centraal, daar eindigen de treinen zo mooi.” Dat de constante verbouwing van en rondom stations de leefbaarheid niet ten goede komt, neemt De Wilde op de koop toe: “Dat is nu eenmaal het lot van stations.”

125 woningen

Voordat men begint te bouwen zijn er nog obstakels te overwinnen. Trillingen en geluid liggen voordehand als potentiële problemen. Maar dat valt volgens Luiten wel mee: “Technisch kunnen we veel oplossen.” Bovendien is bouwen boven het spoor volgens Luiten geen toekomstscenario meer: “In Heerlen hebben ze een heel dorp boven het spoor gebouwd.” Het Maankwartier waar Luiten op doelt bestaat uit 40.000 vierkante meter aan kantoor, winkels en horeca, plus 125 woningen en twee parkeergarages. “Het is een stadswijk die beide kanten van het spoor verbindt”, vult De Wilde aan. Volgens De Wilde zijn dit soort projecten mogelijk in steden die pas vernieuwde stations hebben: “Je ziet dat als er een mooi station staat de hele omgeving ervan profiteert.” Daarmee doelt hij op de slechte reputatie die stations voorheen hadden. “Vijftien jaar geleden waren stations ’s avonds geen fijne plekken”, aldus De Wilde.

Niet alleen voor treinen

Het grootste obstakel voor bouwen boven het spoor is dan ook geld. “Bouwen boven het spoor is heel erg duur”, zegt De Wilde, “maar het is ook veel waard.” De vastgoedontwikkelaar denkt niet dat het altijd duur blijft: “We leren veel nieuwe technieken.” Door stijgende grondprijzen wordt bouwen boven het spoor ook relatief goedkoper dan het vroeger was. Maar dat is voor Luiten niet dé reden om boven het spoor te bouwen: “Dit soort ontwikkelingen hebben een maatschappelijke betekenis. Als je dichtbij knooppunten bouwt heeft dat gevolgen voor onze mobiliteit.” Luiten denkt dat mensen die boven een station wonen minder snel een auto gebruiken. “Grote stations zijn er niet alleen voor treinen”, vult De Wilde aan, “fietsen, metro’s en bussen stapelen we allemaal op elkaar.” De Wilde gelooft dat deze ontwikkeling leidt tot meer gemak. Uit eigen ervaring zegt hij: “Boven het spoor is het aangenaam werken.”


RAILINFRASTRUCTUUR INFRAMARKT ONDERNEMERSCHAP EN INNOVATIE

Over de auteur

Redactie Bouwmeesters