Zonder up-to-date BIM studenten staat de bouw stil

Door Redactie Bouwmeesters , 03 oktober 2019

Zonder up-to-date BIM studenten staat de bouw stil

Bouwend Nederland fungeert nu als ‘linking pin’ tussen onderwijs en bouwondernemingen: “Die rol hebben we vijf jaar terug op ons genomen nadat lidbedrijven lieten weten dat leerlingen vaak nog kennis misten”, aldus Arjan Walinga, BIM deskundige van Bouwend Nederland. De landelijke overheid kan hierbij helpen door de samenwerking tussen onderwijs en bouwsector meer te bevorderen.

Wat begon met het uitnodigen van leraren van alle bouwgerelateerde scholen voor een kennismaking op het hoofdkantoor van Bouwend Nederland, resulteerde in een samenwerking waarbij leerlingen kennis nemen van de praktijk bij bouwbedrijven. Eén van de belangrijkste aandachtspunten binnen het onderwijs is het vakgebied van Bouw Informatie Model (BIM). Deze techniek maakt het middels een informatie model voor verschillende disciplines in de bouwsector mogelijk om samen te werken.

BIM-onderwijsdag

“Een hoogtepunt van de samenwerking tussen onderwijs en bouw is de BIM-onderwijsdag waar Bouwend Nederland leerlingen, hun begeleiders vanuit het onderwijs en professionals uit de bouw en infrasector bij elkaar brengen. Drie jaar terug deden we dat met 450 genodigden in één zaal, nu hadden we gisteren veertig deskundigen die in verschillende zalen duizend genodigden bijpraatten”, vertelt Walinga. De BIM-expert kijkt verder dan zijn eigen vakgebied: “We hebben het dan vandaag over BIM, maar andere vakgebieden kennen ook snelle ontwikkelingen. Denk daarbij aan robotisering en artifical intelligence. We zien dat de theoretische wereld van het onderwijs moeite heeft om de praktische ontwikkelingen in de bouwwereld bij te houden. Wat dat betreft is het voor elke leerling belangrijk dat een opleiding twee stappen vooruit blijft kijken. Voorkom dat iemand aan het eind van de schooltijd een carrière start met een kennisachterstand.”

Vliegensvlug

BIM is een voorbeeld van een vakgebied met vliegensvlugge ontwikkelingen. “Afgestudeerden die vers van school komen, ontdekken in de praktijk dat hun opgedane kennis vaak al weer is verouderd. Zet hier tegenover dat er een grote vraag is naar up-to-date BIM-experts, en je ziet de noodzaak om hier werk van te maken. Zonder werknemers met praktische kennis van zaken staat de bouw stil”, aldus Walinga.

Oprechte interesse

Dat de BIM-onderwijsdag voorziet in een behoefte blijkt volgens Walinga niet alleen uit de steeds groeiende opkomstcijfers: “Ik merk dat de jonge mensen die hier komen oprecht interesse hebben en goede vragen stellen. Het is ook voor hen geen verplicht nummer in hun opleiding, maar echt een interessante dag. Leerlingen bleven ook na het einde van het officiële programma nog in het gebouw om verder bij te praten.”

Uitgestoken hand

BIM-manager Marcel Sukel uit provincie Noord Holland was op 2 oktober aanwezig op de BIM-onderwijsdag in Utrecht. Hij benadrukt het belang van het dichter bij elkaar brengen van bouw en onderwijs: “Wat we nodig hebben is dat we eerst onze eigen vraag naar BIM goed op orde krijgen. Het onderwijs kan ons daarbij helpen door ons actief op te zoeken en te ontmoeten. Dat vraagt wat van ons maar ook van het onderwijs, namelijk begrip voor elkaars werelden.”

Tweeledige houding

Walinga is blij met de uitgestoken hand van BIM-Manager Marcel Sukel: “Goed dat het bedrijfsleven meedenkt, maar we kunnen ook meer steun gebruiken vanuit de overheid.” Walinga wijst verder op de tweeledige houding die politiek met de bouw heeft: “De overheid is in haar rol van opdrachtgever buitengewoon betrokken met de bouw en heeft een onmisbare rol in de bouwketen. De betrokkenheid als opdrachtgever is goed. En dat is logisch omdat de overheid er gelijk last van heeft als bouwprojecten niet naar wens worden uitgevoerd. Maar kijken we naar de rol van de overheid niet als opdrachtgever, maar als hoeder van Nederland, dan zien we de overheid als beleidsmaker zich minder betrokken voelt. En dat is jammer, want daar liggen kansen. Laat bijvoorbeeld het Ministerie van Onderwijs de druk op leraren verlichten zodat die de ruimte krijgen om contact te leggen met ondernemers.”

Beloon ondernemers

Ondernemers moeten volgens Walinga worden beloond voor het bieden van kansen aan jongeren: “Het gaat daarbij niet om geld. Het zou bijvoorbeeld verstandig zijn dat scholen er voor zorgen dat studenten bijvoorbeeld een project van een bouwer op kleinere schaal uitvoeren. Dat vraagt tijd van een ondernemer, maar levert wel jonge mensen met praktijkervaring op die uiteindelijk sneller ingewerkt raken. Daarmee besparen ondernemers ook weer geld, want een firma heeft er baat bij dat inwerkperiodes zo kort mogelijk zijn. Op die manier snijdt het mes van twee kanten.” 


ONDERNEMERSCHAP EN INNOVATIE

Over de auteur

Redactie Bouwmeesters