Afbeelding Nu Bouwen aan Morgen

Nu Bouwen aan Morgen

Verkenning Bouw & Infra 2030

Ruimtelijke spreiding functies

We wonen samen in een klein land, maar dat wil niet zeggen dat onze ambities omtrent leefbaarheid en functionaliteit van de omgeving niet torenhoog zijn. In het Nederland van de toekomst moeten we wonen, werken èn recreëren op een optimale manier organiseren in alle regio’s. Maar hoe gaan we dat in de praktijk aanpakken?

Twee uiteenlopende toekomstbeelden

Het valt niet te ontkennen dat de inrichting van de Nederlandse ruimte aan grootschalige verandering onderhevig is. In steden is de behoefte aan woningen, bijbehorende voorzieningen en infrastructuur zo groot dat de sector de vraag nauwelijks aankan. Daar tegenover staat het platteland waar de huizenprijzen dalen, voorzieningen verdwijnen en het soms niet meer rendabel is om te bouwen. Deze disbalans is op nationaal bestuurlijk niveau niet zomaar aan te pakken omdat ruimtelijke ordening sinds 2010 een gedecentraliseerde aangelegenheid is. Bovendien maakt wet- en regelgeving rond verduurzaming, en nu ook rond stikstof en PFAS, het nog moeilijker om goed op de vraag te kunnen inspelen. Het feit dat deze ontwikkelingen niet zomaar zullen verdwijnen, vraagt niet alleen om een sector die in staat is om zich aan te passen aan de nieuwe realiteit, maar vergt ook om meer regie en snelheid in besluitvorming door de overheid.

 

 

Wat is de invloed van een virus als corona op het denken over ruimtelijke spreiding van functies?

Op het online congres Nu Bouwen aan Morgen op maandag 7 december gingen Riek Bakker, stedenbouwkundige en Ellen van Bueren, Professor of Urban Development Management aan de TU Delft, in debat over de ruimtelijke spreiding van functies.

Essay: Bestendig bouwen aan Nederland betekent functiespreiding

Bouwend Nederland wil samen plannen maken om uit de woningbouwimpasse te komen. Een interessant initiatief, en gelukkig neemt ze zo’n tien jaar de tijd om zaken op orde te krijgen, want we hebben het zondermeer over een omvangrijke opgave. Maar het is vooral een mooie kans die we met beide handen moeten aanpakken: investeren in de inrichting van ons land op de langere termijn. Dat vereist een integrale aanpak, met als uitgangspunt functiespreiding. Ja, dat kan en het is dan ook eerder de vraag wat er nodig is om functies - wonen, werken, recreëren, verkeer, infrastructuur, landbouw en milieu - zo goed mogelijk in samenhang te laten functioneren. En daarvoor heb je allereerst een goed plan nodig, één met een visie op Nederland en met een strategie voor het ontwikkelen van een juridisch- en planologisch instrumentarium. Het moet handen en voeten hebben.

Lees het volledig essay

Riek Bakker

Expertsessie: spreiding versus concentratie

Het valt niet te ontkennen dat de inrichting van de Nederlandse ruimte aan grootschalige verandering onderhevig is. In steden is de behoefte aan woningen en navenante voorzieningen en infrastructuur zo groot dat de sector de vraag nauwelijks aankan. Daartegenover staat het platteland, waar de huizenprijzen dalen, voorzieningen verdwijnen en het soms niet meer rendabel is om te bouwen. Deze disbalans is op nationaal bestuurlijk niveau niet zomaar aan te pakken, omdat ruimtelijke ordening sinds 2010 gedecentraliseerd gebeurt. Bovendien maakt wet- en regelgeving rond verduurzaming, en nu ook stikstof en PFAS, het nog moeilijker om goed op de vraag te kunnen inspelen. Het feit dat deze ontwikkelingen niet zomaar zullen verdwijnen, vraagt om een sector die in staat is zich aan te passen aan de nieuwe realiteit. 

Lees het volledige verslag

Hoe ziet de landkaart van Nederland er in 2030 uit?

De vraag naar woningen neemt toe én de wensen op het gebied van mobiliteit evolueren. Nederland zal de komende jaren flinke stappen moeten maken om een passend antwoord te vinden op de vraagstukken van de toekomst. Eline Ronner bespreekt dit met Emiel Reiding, Directeur metropoolregio Amsterdam, en Anne-Marie Frissen, Beleidsadviseur infrastructuur bij Bouwend Nederland.

Bekijk het volledige verslag