Afbeelding Nu Bouwen aan Morgen

Nu Bouwen aan Morgen

Verkenning Bouw & Infra 2030

Toekomst van werk

De bouw kenmerkt zich door een cyclisch aanbod van werk. Zal dat in de toekomst veranderen? Ontstaat er een constante vraag naar werkzaamheden? En welke vaardigheden heeft de werknemer van morgen nodig? Wordt de bouwvakker van de toekomst eerder een techneut dan een krachtpatser? Wat zit er straks in zijn gereedschapskist? En zijn er nog voldoende werknemers voor de bouw? Of zorgt automatisering voor flexibiliteit in de bouwproductie? Deskundigen en leden van Bouwend Nederland buigen zich o.a. over de eisen aan het werk in het Nederland van morgen.

 

 

Dit thema is onderdeel van een serie van vier die samen de toekomstverkenning Nu Bouwen aan Morgen | Verkenning Bouw & Infra 2030 vormen. Als vertrekpunt voor de toekomstverkenning is een viertal ‘Nederlandse prominenten’ gevraagd een essay te schrijven over de verschillende thema’s. Zo geeft hoogleraar dr. Alexander Rinnooy Kan zijn visie op de toekomst van werk.

Alexander Rinnooy Kan

Essay: Toekomst van werk

De vraag naar arbeid in deze markt wordt bepaald door de ontwikkelingen in de woningbouw, infra en utiliteitsbouw, een notoir conjunctuurgevoelige sector, waarvan de grote maatschappelijke betekenis geen enkele toelichting behoeft. Het aanbod wordt bepaald door wat scholing en opleiding afleveren, met relatief weinig mogelijkheden tot overloop van en naar aangrenzende sectoren: bouwvakkers zijn vooral bouwvakkers en hebben niet veel zin in fabriek of kantoor. De spelregels en afspraken weerspiegelen een traditie van georganiseerdheid: de (grote) CAO Bouw en Infra is een vertrouwd ontmoetingspunt voor werkgevers en werknemers, de vakbeweging is een zichtbare en gerespecteerde partij.

De arbeidsmarkt voor de bouw is in de allereerste plaats een markt, die zoals alle markten gedicteerd wordt door vraag en aanbod, en gedreven wordt door spelregels en afspraken.

Lees het volledige essay

Interview met thematrekker Jørgen Hulsmans

Hoe denk jij dat de sector in de toekomst zal moeten omspringen met het tekort aan werknemers?
“We zullen ons blikveld moeten verruimen om voldoende geschikte mensen aan ons te binden, maar tegelijkertijd moeten we blijven investeren in duurzame inzetbaarheid. Dat vraagt om wendbaarheid van werkgevers én van werknemers, ook waar het gaat om jobrotation, nieuwe en andere skills en vooral ook competenties. Hebben mensen de juiste kennis, de goede vaardigheden maar ook de benodigde houding om hun werk goed te kunnen uitvoeren? Werkgevers kunnen en moeten daarin faciliteren, maar de werknemer is daarbij uiteindelijk verantwoordelijk voor zijn eigen inzetbaarheid.”

Lees het volledige interview 

Expertsessie: de toekomst van werk vraagt een cultuuromslag

De gemene deler in de discussie is de consensus dát er zaken gaan veranderen. Of het nu gaat over hoe werkgeverschap en sociale zekerheid er anno 2030 uitzien, over welke competenties een bouwer anno 2030 moet beschikken (breed inzetbaar versus hyper-specialistisch) of wat de verantwoordelijkheden van werknemer, werkgever, opdrachtgever en overheid moeten zijn. Opvallend vaak luidt de conclusie dat een cultuuromslag nodig is: “De bouw is nu een productensector, geen kennissector. Dat moet gaan veranderen.”

Lees het volledige verslag

Het essay vormt het vertrekpunt voor onze expertsessie waarin we met een groep uiteenlopende deskundigen onderzoeken hoe de wereld er in 2030 zou kunnen uitzien, maar ook hoe de wereld er juist heel anders uit zou kunnen zien op basis van fundamentele onzekerheden. 

Deze verkenning zal uiteindelijk resulteren in uiteenlopende toekomstbeelden die gepresenteerd worden op het congres Nu Bouwen aan Morgen | Verkenning Bouw & Infra 2030 later dit jaar. Deze kick-off vormt ook het startschot om op basis van de toekomstbeelden de dialoog aan te gaan over de mogelijkheden die de toekomst onze sector kan brengen.