Logo Bouwend Nederland

Janssen de Jong Caribbean bouwt alles, ook aan de gemeenschap

Dinsdag 19 december 2023

JAJO is een groep bouwgerelateerde bedrijven met meer dan dertig dochterondernemingen. Deze vind je verspreid over Nederland, Polen en het Caribisch gebied. Bouwen aan de andere kant van de oceaan is niet te vergelijken met Europa, legt Kurt Verbist, Algemeen Directeur Caribbean uit.

De roots van JAJO ligt in het Noord-Limburgse Horst; J. Janssen en J. de Jong startten daar in 1939 hun wegenbouwbedrijf op. De volgende stap richting Groep werd echter in het Caribisch gebied gezet. Na de Tweede Wereldoorlog trokken de twee avontuurlijk aangelegde infrabouwers naar Haïti voor de aanleg van een weg en de startbanen van een vliegveld. In 1953 werd met de oprichting van Curaçao Wegenbouw het zaadje geplant voor de activiteiten op de Caribbean. Door steeds meer ondernemingen te beginnen of over te nemen, heeft JAJO inmiddels 33 ondernemingen waarvan een kleine twintig op de Caribbean. Hier werken in totaal zo’n 500 mensen; bijna de helft van het voltallige personeel van JAJO. “95% van onze mensen zijn locals”, zegt Kurt Verbist. Volgens de algemeen directeur Caribbean is dat compleet in lijn met de doelstelling om zoveel mogelijk lokaal te doen.

Andere wereld

Net als alle andere dochterondernemingen van JAJO zijn de bedrijven op de Caribbean volledig zelfstandig. Zeker in het Caribisch gebied is dat wel zo praktisch. JAJO heeft bedrijven op de Benedenwindse eilanden Aruba, Bonaire en Curaçao en op de Bovenwindse eilanden Anguilla, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten. Samen werken zij in meer dan 20 verschillende landen. “We hebben niet alleen te maken met grote afstanden, de Bovenwindse eilanden liggen hier 800 kilometer vandaan, maar ook met verschillende talen en culturen”, legt Verbist uit. “Vandaar dat de Bovenwinden, waar voornamelijk Engels wordt gesproken, een aparte regio met een eigen directie en personeel zijn.” Hetzelfde geldt voor Aruba. 

 

Krachten bundelen

Binnen de verschillende regio’s op de Caribbean werken de dochterondernemingen van JAJO onder eigen merknamen, elk met zijn eigen directie en elk met zijn eigen specialiteit. “Maar samen doen we zo ongeveer alles in de bouw; infra, beton, projectontwikkeling, bouw, onderhoud enzovoorts.” Hoewel er zoveel mogelijk lokaal wordt gewerkt en de regio’s volledig self supporting zijn met een eigen materieeldienst en eigen installaties, worden de krachten wel gebundeld onder de naam Janssen de Jong Caribbean wanneer dat nodig is. “Laatst hebben we een vliegveld gebouwd op Anguilla”, geeft Verbist een voorbeeld. “Het personeel was van dat eiland, maar de projectmanager kwam van Aruba en we hebben er met de boot materieel van de ABC-eilanden naartoe gebracht.”

Veel reizen

Voor Verbist zelf betekent de spreiding heel veel reizen. Naast het wekelijkse overleg met de bedrijven op Curaçao, waar hij zelf kantoor heeft, gaat hij een keer per maand naar Aruba, elke twee maanden een keer naar Sint Maarten en ieder kwartaal naar Nederland. “Natuurlijk doen we ook veel digitaal, maar zonder fysieke meetings kun je lastiger een relatie met de collega’s opbouwen. Zeker voor de overleggen in Nederland met de groepsdirectie is dat heel belangrijk. Daar bespreken we met de Raad van Bestuur en alle algemeen directeuren de groepsbrede strategie. Digitaal aanschuiven werkt dan minder goed.”

Orkaanbestendig bouwen

De manier van bouwen in de Caribbean is anders dan in Nederland. Zo liggen de Bovenwindse eilanden in de orkaanzone waardoor er specifieke normen en richtlijnen gelden waar je je daar als woningbouwer aan moet houden. Aruba, Bonaire en Curaçao hebben aanzienlijk minder last van dat natuurgeweld. Wel is daar de bouwstijl compleet anders dan in Nederland, maakt Verbist duidelijk. “De mensen hier houden er niet van om dezelfde woning te hebben als de buurman. Je hebt hier dus bijna geen seriematige bouw, en daardoor dus ook weinig prefab. Dat maakt het bouwen vaak wat arbeidsintensiever dan in Nederland.” Daarentegen kampen de dochterondernemingen op de Caribbean wel met een aantal vergelijkbare problemen. “De overheid hier is behoorlijk onderbezet waardoor je lang moet wachten op bouwvergunningen. En de bouwprijzen zijn erg gestegen door hogere loonkosten en doordat materiaal en transport veel duurder is geworden.”

Lange levertijden

Transport is sowieso een issue in het Caribisch gebied, legt de Caribbean-directeur uit. “Vrijwel alles wat onze bedrijven nodig hebben om te kunnen bouwen, moet we importeren vanuit Amerika, Zuid-Amerika en Europa. Er zijn op Curaçao wel wat fabrieken waar ze bijvoorbeeld deuren maken, maar de prijzen zijn hoog en de keuze is beperkt.” Dat er in het gebied eigenlijk maar twee grote zeevervoerders zijn, maakt het er qua prijzen, maar ook qua levertijd niet gemakkelijker op. “We geven bij de contractonderhandelingen en het opstellen van de planning vaak al aan dat de levertijd 4, 6 of soms zelfs 8 maanden is.”

Voortrekkersrol

Duurzaam bouwen staat nog min of meer in de kinderschoenen in het Caraïbisch gebied. “Het begint langzaam te komen. Er komen steeds meer platforms die zich op duurzaamheid richten.  Wij zijn wel gefocust op duurzaamheid en we willen hier een trendsetter zijn. We hebben bijvoorbeeld elektrische auto’s en sommige van onze fabrieken werken op zonne-energie. We hergebruiken motorolie en hydraulische olie en we doen aan ‘Urban Mining’ zodat we sloopmateriaal kunnen hergebruiken.” Vooruitstrevend is dochteronderneming 3D Concrete ook met zijn 3D printer. Daar worden verschillende soorten woningen mee geprint. Nog niet aan de lopende band, maar het is een mooie ontwikkeling. Misschien nog mooier is dat ze de innovatieve techniek ook inzet voor het printen van kunstmatige riffen. “Het koraalrif wordt bedreigd, flinke delen sterven af door ziektes. We proberen het natuurbehoud een handje te helpen door met speciale soorten cement en aggregaten die we zelf met onze Mijnmaatschappij winnen, ’artificial reefs’ te printen.”

(Donatie Stichting Signaal Sosial- Zeilboten om les te geven aan jongeren van minder bedeelde families)

Geen kerstpakketten

Het sociale karakter zie je ook terug in de Stichting Signaal Sosial. Dat initiatief is rond 1990 gestart toen werd besloten om het personeel geen kerstpakketten meer te geven, maar dat geld te gebruiken voor de bestrijding van armoede en het helpen van jeugd. Mooi voorbeeld is de school op Curaçao die al jarenlang met een verstopt riool kampte. “We hebben materiaal in natura gedoneerd en ervoor gezorgd dat er een aparte beerput is gemaakt zodat de kinderen weer op school naar het toilet kunnen.” Zo bouwt Janssen de Jong Caribbean ook nog eens aan de Caribische community. 

Jorrit van Ommen
Verenigingsmanager Regio Oost
E-mailadres

Gerelateerd nieuws

Woensdag 22 mei 2024
Minder uren werken, meer plezier, hetzelfde salaris bij Hegeman

Wie wil dat nou niet: 36 uur per week werken en betaald krijgen voor 40. Hegeman Holding in Nijverdal stapte begin vorig jaar in overleg met de OR - en in navolging van IJsland - over op een kortere werkweek tegen hetzelfde salaris. Wat blijkt, het welzijn van de medewerkers verbeterde en het korte verzuim nam drastisch af bij een gelijkblijvende productie. Directeur Frank Hegeman vertelt hoe. "Het werkt twee kanten op: medewerkers hebben tijd om tot rust te komen en wij hebben gemotiveerd personeel."

Woensdag 8 mei 2024
Bouwbedrijf Van Dillen is 300 jaar oud: 'We zien onszelf als start-up'

Bouwbedrijf Van Dillen wordt al 300 jaar van vader op zoon overgedragen. "Tot de dag van nu hebben al die generaties zich aangepast aan de eisen van de tijd. Ik denk dat we daar als onderneming ook goed in zijn. We zijn er in ieder geval continu mee bezig. We zien onszelf nog altijd als start-up." Dat is het verrassende antwoord van directeur/eigenaar Cees van Dillen op de vraag naar het onderscheidende vermogen van het sinds 1724 bestaande bouwbedrijf.

Donderdag 2 mei 2024
Bleckmann Almelo schoolvoorbeeld van circulair logistiek vastgoed

Op 25 april bezochten de Twentse Bouw- en Infraleden het eerst aantoonbare circulaire logistiek bedrijfsgebouw van Nederland. De excursie werd afgewisseld door verschillende lezingen over de, historie, drijfveren en toekomstvisie van Bleckmann, over het verduurzamen van distributiecentra, het bouwen en realiseren van deze hal en de laatste ontwikkelingen over het inlenen van zelfstandigen zonder personeel.