• Home
  • Actueel
  • Nieuws
  • COLUMN | Digitaal samenwerken in de bouw biedt ongekende mogelijkheden

COLUMN | Digitaal samenwerken in de bouw biedt ongekende mogelijkheden

Rolf Koops is directeur BuildinG

woensdag 29 april 2020
Afbeelding COLUMN | Digitaal samenwerken in de bouw biedt ongekende mogelijkheden

U herkent het vast: onze dagen vullen zich met Skype, Zoom, Teams en wat dies meer zij. Na aanvankelijk gestuntel, begin ik er persoonlijk aardig aan te wennen. Niet alleen aan de techniek, maar ook aan het benodigde protocol: regie bij de gespreksleider, één spreker tegelijk, goed luisteren en je microfoon uit als je even niks te melden hebt. Bij fysieke vergaderingen is dat trouwens ook een uitstekend uitgangspunt. Wat ik ook verrassend vind: ineens kunnen teamvergaderingen wél binnen een uur. We besparen daarnaast flink wat reistijd en daarmee dus ook fossiele brandstoffen.

Natuurlijk missen we het menselijke contact en reflectie. In plaats van oog voor non-verbale communicatie dwaalt de blik onwillekeurig af naar bijzondere achtergronden: exotische landschappen, zolderkamers en volle aanrechten. De coronacrisis legt in ieder geval bloot dat digitale platforms van levensbelang zijn voor onze samenleving en economie. Wat hadden we nu zonder gemoeten?

Mijn stelling is dat de toegevoegde waarde van digitalisering voor de bouw nog veel groter is als we dat breder trekken. Niet alleen digitaliseren omdat het nu toevallig hip and happening is, maar omdat het een essentieel instrument is voor de grote opgaven in de gebouwde omgeving. Denk aan de absolute noodzaak om zuiniger met grondstoffen om te gaan. Circulariteit en digitalisering horen écht bij elkaar. Bij traditioneel bouwen zijn we 100% projectgeoriënteerd: we denken lineair, telkens vanaf nul. Terwijl we juist in zouden moeten zetten op een multidisciplinair en cyclisch proces waarbij we kringlopen aan elkaar koppelen, materialen hergebruiken, nieuwe ecologische materialen inpassen en anticiperen op toekomstig gebruik (of demontage). Digitalisering is daar eigenlijk de spiegel van. De rollen lopen in elkaar over: ontwerpen, maken, gebruiken.

Zo biedt parametrisch en generatief ontwerpen veel kansen. We kunnen versnellen en optimaliseren als we eigenschappen van nieuwe ecologische materialen of installatietechniek, maar ook beschikbaarheid van tweedehands componenten mee kunnen nemen in het ontwerp en bouwinformatiemodel (BIM). Data speelt daarin een sleutelrol, net als interactief visualiseren. Met een goed 3D-model van een woonproduct staan we – zeker bij de nieuwe generatie woonconsumenten - echt sterker dan wanneer we het slechts moeten hebben van glimmende brochures en goede gesprekken.

Dan het bouwen zelf. We moeten industrialiseren op basis van file to factory: er gebeurt dan minder op de bouwplaats en meer in de fabriek. Uiteindelijk willen we 1-op-1 machines aansturen vanuit het ontwerp. Lean in het kwadraat. Robotisering draagt namelijk direct bij aan de doelen van circulair bouwen: het uitsparen van materiaal en logistiek. Precies dat maken wat er nodig is, maatvast met minimaal snijverlies en ook nog eens werken onder betere omstandigheden.

Dan het derde vakje om aan te vinken: ‘use’. Het gebruik, beheer en de exploitatie van gebouwen en infra. Beter kijken naar de totale kosten en het goed analyseren van de levenscyclus. We focussen in het algemeen op aanloop- en bouwkosten, terwijl het merendeel van de kosten juist later komt: aanpassingen, groot onderhoud, nieuwe installaties. Sensoren en slimme dashboards helpen bij efficiënt ruimtegebruik, energiebesparing en een gezond binnenklimaat: smart buildings en zelfs talking buildings. Ook hier zijn data cruciaal. Niet alleen voor het bestaande gebouw, maar ook als big data input bij nieuwe ontwerpprocessen.

Kortom: digitalisering is een fundamentele versneller van innovatie voor de gebouwde omgeving. Toch ligt het kritische pad volgens mij niet bij de digitale techniek zelf. Die is er immers al en ontwikkelt zich exponentieel snel. Nee. Het resultaat staat of valt met de vraag of we willen leren, durven te veranderen en bereid zijn verder te kijken dan onze traditionele neus lang is. Bovenal: digitaliseren doe je niet alleen. De winst voor de bouw en maatschappij als geheel is vooral te halen in de nieuwe ‘mengstroken’, daar waar traditioneel gescheiden rollen samenkomen op de raakvlakken ontwerpen – bouwen - gebruiken. Dat leidt wel tot oncomfortabele vragen: Wat wordt mijn plek in de keten? Is mijn verdienmodel nog wel houdbaar? Welke data moet (en wil) ik delen? Waar moet ik in investeren?

The answer, my friend, is blowing in the wind”*. Niemand kan immers de toekomst voorspellen. Maar we kunnen ons wel verschillende toekomsten voorstellen. En dan vooral ook samen sparren over de verschillende mogelijkheden en scenario’s. Of je nou mkb`er bent of bij het grootbedrijf zit, samen kunnen we meer. Ik schreef het al: menselijk contact en reflectie, daar kan geen digitaal platform tegenop. Daarom is het zeer behulpzaam dat Bouwend Nederland werkt aan de Toekomstverkenning Bouw & Infra 2030. Ik kan u van harte aanbevelen om dat eens goed tot u te nemen. Het biedt ons als innovatieplatform BuildinG een kader om met kennisinstellingen, bedrijven en overheden te werken aan kennisontwikkeling, doorlopende leerlijnen en prototyping in praktijkprojecten. Nu nog even op afstand, maar straks weer vanuit ons prachtige gebouw.

 

* Bob Dylan voor wie het niet al raadde