Actieplan Woningbouw: uitvoering maakt het verschil
Maandag 21 september 2026
Het kabinet heeft vandaag het Actieplan Versnellen Woningbouw gepresenteerd, een pakket van ongeveer 50 maatregelen om structureel 100.000 woningen per jaar te bouwen. Wij steunen die ambitie en herkennen veel van de gekozen richting, zoals meer industrieel bouwen, snellere vergunningverlening en uniforme bouwregels. Wij zien hierin een duidelijke omslag naar een “pragmatische aanpak”, waarin het kabinet sterker richt de uitvoering. Die omslag waarderen we. Onze sector wil de huizen graag bouwen, maar dan moeten het Rijk, gemeenten en provincies eerst de randvoorwaarden op orde brengen.
Een omslag die we waarderen
Het kabinet houdt vast aan de koers uit het coalitieakkoord en wil toegroeien naar 100.000 woningen per jaar vanaf 2030. Daarvoor wijst het meer nationale grootschalige woningbouwlocaties aan, op plekken waar knelpunten rond stikstof, netcapaciteit en drinkwater oplosbaar zijn. Ook zet het kabinet in op veel meer industrieel bouwen en op een kortere doorlooptijd voor ontwerp en vergunning.
Die richting sluit aan bij wat wij al langer bepleiten. Landelijk uniforme bouwregels voorkomen dat elke gemeente eigen technische eisen stelt. Met typegoedkeuring beoordelen we een woningconcept één keer technisch, waarna het op meerdere plekken de bouw in kan. Een eenvoudiger Bbl helpt daarbij, net als de inzet op digitalisering en standaardisatie. Wij dragen graag bij aan de verdere uitwerking.
Uitvoering is nu de grote test
Dit actieplan laat zien dat verwezenlijking de grote opgave tijd en een consistente aanpak tussen de drie bestuurslagen vergt. De uitvoering van deze plannen vraagt om realistische plancapaciteit, een aanpak voor de bouw van corporatiewoningen en oplossingen voor de doorstroming. Zolang die punten open blijven, komt de teller niet richting 100.000.
De uitvoeringskracht van gemeenten en provincies is daarbij een bottleneck. Plannen lopen vast op te weinig capaciteit en kennis bij de overheden die vergunningen verlenen en gebieden ontwikkelen. Bovendien stellen veel gemeenten bovenwettelijke eisen waardoor woningen onnodig duurder worden en business cases niet meer rondrekenen. Het kabinet maakt geld vrij om die capaciteit te versterken, maar dat moet zich nu ook echt vertalen naar snellere besluiten.
Locaties zonder ontsluiting blijven plannen op papier
Nieuwe bouwlocaties worden pas woonwijken als ze bereikbaar zijn. Wegen, spoor, netaansluitingen en water moeten we op tijd regelen. Dat het kabinet kiest voor locaties met beheersbare knelpunten is pragmatisch, maar het lost het structurele tekort aan geld voor infrastructuur niet op.
Wij vragen daarom om een stevige koppeling tussen woningbouw en de ontsluiting van die locaties. Zonder die koppeling verplaatsen we het probleem alleen maar. Hier lees je hoe belangrijk tijdige netcapaciteit is en welke deadlines gemeenten hanteren voor woningbouwprojecten.
Zonder investeringskracht en vakmensen lukt het niet
Twee voorwaarden bepalen uiteindelijk het tempo. De eerste is investeringskracht. Hier zet het kabinet een concrete en welkome stap. Het zondert woningcorporaties vanaf 2028 uit van de renteaftrekbeperking, de zogeheten ATAD-maatregel, wat hun investeringsruimte fors vergroot. Dat juichen we toe, want juist corporaties moeten de komende jaren flink bijbouwen. Tegelijk komen woningen er pas als alle partijen in de keten langjarig zekerheid hebben en kunnen investeren. De Woonalliantie riep de Taskforce daar recent al toe op, en wij onderschrijven die oproep.
De tweede is voldoende vakmensen. De krapte op de arbeidsmarkt blijft de beperkende factor voor alles wat de bouw en infra moeten waarmaken. Meer industrieel bouwen verhoogt de arbeidsproductiviteit, maar zonder extra instroom en behoud van vakmensen halen we de ambitie niet.
Wij bouwen mee
Wij delen het doel van het kabinet: sneller meer betaalbare woningen. Het Actieplan zet stappen in de goede richting, maar de echte winst zit in de uitvoering. Daar willen we een actieve partner zijn, samen met onze leden, gemeenten, provincies en corporaties.
