Meer dan een leermeester: Martin Vijn bouwt aan een nieuwe generatie GWW’ers
Maandag 27 juli 2026
Een opleiding opzetten in een vakgebied waar geen grote animo voor is, vraagt inzet, betrokkenheid en iemand die graag dat stapje harder zet voor wat hij ‘prachtig werk’ vindt. Bij de nieuwe Grond-, Weg- en Waterbouwopleidingen (GWW) in Amsterdam is dat zonder meer Martin Vijn. Als leermeester en coach bij het SPG Noord-Holland stond hij aan de basis van deze opleiding, die in goede samenwerking met het SPG sinds een jaar wordt aangeboden via het ROC van Amsterdam. Wat begon met één leerling, groeide in een jaar uit tot een klas van 23.
Deze groei kwam niet vanzelf. Het is lastig om jongeren te trekken én vast te houden voor werk in de GWW-sector. Het werk kan fysiek zwaar zijn, is altijd buiten, begint vroeg en eindigt laat. Niet direct het beeld waar jongeren massaal warm voor lopen. “Het is geen ‘sexy’ vak,” zegt Martin nuchter. “Maar als je eenmaal binnen bent, zie je hoe dynamisch en veelzijdig het is. Juist daarom zet ik me in om de opleiding zo toegankelijk mogelijk te maken voor jongeren. Als ze eenmaal klaar zijn, is er gegarandeerd een mooie baan voor hen.”
Praktijkruimte
Die toegankelijkheid begon al bij de locatie, die goed bereikbaar moet zijn voor de leerlingen. In Amsterdam bleek dat een uitdaging: ruimte is schaars en duur, zeker voor praktijkonderwijs. Toch lukte het om vlakbij station Sloterdijk een plek te vinden waar theorie en praktijk samenkomen. “Aannemer H.v. Steenwijk die ook bij het SPG Noord-Holland is aangesloten, stelde twee grote hallen beschikbaar”, vertelt Martin. “In de ene hal worden de theorielessen gegeven. In de andere hal zijn keerwanden neergezet, waarna er een meter zand is gestort. Zo is er genoeg mogelijkheid om wat we op papier hebben gezet in de praktijk uit te werken. Op deze manier leren de jongeren niet alleen uit de boeken, maar vooral door te doen. Precies wat deze doelgroep nodig heeft.” Martin is ook verbonden aan de opleiding als docent. “Sinds heb ik een jongere collega. Perry Hollenberg is een oud-leerling, die ook doceert. Ik kan me dus meer richten op de begeleiding van de jongeren om ervoor te zorgen dat ze een werkplek vinden en de opleiding succesvol afmaken.”
Uit de wind houden
Daar zit misschien wel de grootste kracht van Martin: hij staat voor zijn leerlingen en begrijpt hen. Na ruim dertig jaar in het onderwijs weet hij dat een hele dag in de schoolbanken niet werkt voor deze jongeren. Hij vindt leerbedrijven voor hen, waar ze vier dagen per week aan het werk kunnen. Ze krijgen vanaf de eerste dag een salaris en die dag dat ze naar school gaan, is ook een goede mix van theorie en praktijk. Eerst een tekening maken, daarna meteen uitvoeren in de loods. Martin is ook mentor, coach en een regelaar achter de schermen. Hij gaat met leerlingen naar gesprekken bij leerbedrijven en regelt praktische zaken voor hen zoals boeken, cursussen en praktijkexamens. “Ik probeer ze een beetje uit de wind te houden,” geeft hij toe. “Zij kunnen zich dan volop focussen op de opleiding, de randvoorwaarden regel ik.” Dat die aanpak werkt, blijkt wel uit de volwaardige groep die nu in de klas zit.
Nieuwe generatie vakmensen
Wat drijft Martin om zich zo in te zetten voor deze opleiding? “Ik ben nu 62 jaar en mag nog vijf jaar werken tot mijn pensioen. Ik wil graag nog iets neerzetten en deze jongeren een mooie toekomst bieden. Er is werk genoeg in de sector, dus ik zet graag een stapje harder om de jongeren klaar te stomen.” Dankzij Martins inzet groeit niet alleen een opleiding, maar ook een nieuwe generatie vakmensen.
