Transformatie Slachthuisterrein Haarlem centraal tijdens bijeenkomst afdeling Midden-Holland
Maandag 16 maart 2026
Leden van de afdeling Midden-Holland kwamen onlangs bijeen op een bijzondere locatie: het historische Slachthuisterrein in Haarlem. Tijdens de bijeenkomst kregen de aanwezigen een inkijkje in de grootschalige transformatie van het terrein, waar oude industriële gebouwen worden her ontwikkeld tot een nieuw stadsgebied met woningen, bedrijven en culturele voorzieningen.
De bijeenkomst begon met een korte ledenvergadering. Vicevoorzitter John Moors opende de middag en presenteerde het jaarplan voor 2026. Eén van de belangrijkste speerpunten voor de afdeling is het vergroten van de instroom in de bouw- en infrasector. Daarbij wil de afdeling nadrukkelijker samenwerken met onderwijsinstellingen en bestaande initiatieven beter zichtbaar maken. “Binnen de afdeling worden al veel activiteiten georganiseerd om jongeren kennis te laten maken met de sector,” vertelde Moors. “Die willen we beter bundelen en inzichtelijk maken.” Zo werkt de afdeling aan een interactieve kaart waarop alle instroomactiviteiten worden verzameld. Binnenkort ontvangen leden een oproep om aan te geven of en hoe zij aan deze initiatieven willen bijdragen.
Monumentale gebouwen krijgen nieuwe functie
Na de korte vergadering volgde een toelichting op het project zelf. De aanwezigen stonden midden op de bouwplaats, voorzien van beschermingsmiddelen, waar ontwikkelaar BPD Bouwfonds Gebiedsontwikkeling een presentatie gaf over de herontwikkeling van het terrein.
Senior ontwikkelaar Theresa Manoch vertelde over de rijke geschiedenis van het slachthuiscomplex. Het terrein werd begin negentiende eeuw aangelegd aan de rand van Haarlem en vervulde lange tijd een belangrijke functie voor de stad. In de jaren tachtig verloor het complex zijn oorspronkelijke functie en kwam het grotendeels leeg te staan. Bij de herontwikkeling staat het behoud van het historische karakter centraal. Verschillende monumentale gebouwen blijven behouden, waaronder het slachthuis zelf, de directeurswoning en de watertoren. Ook opvallende elementen uit het verleden, zoals rails waaraan vroeger vee werd opgehangen, blijven onderdeel van het complex. Daarna kwam Moors weer aan het woord, namens aannemersbedrijf Horsman & Co. Hij vertelde dat zijn bedrijf onder meer werkt aan de transformatie van de directeurswoning en de voormalige kantine, waar dertien appartementen worden gerealiseerd. Bij dergelijke monumentale renovaties komt veel kijken. “De uitdaging is dat dit monumenten zijn,” vertelde Moors. “Veel originele elementen moeten behouden blijven, van schouwen en tegels tot zelfs oude deurscharnieren. Dat maakt het werk complex, maar ook bijzonder.”
Nieuw bruisend stadsdeel
Hoofdaannemer De Nijs verzorgt de realisatie van een groot deel van het project. Bedrijfsleider Michel de Nijs gaf een toelichting op de voortgang van de werkzaamheden. Het project werd in 2018 gegund en de uitvoering startte in 2019. Inmiddels wordt al zeven jaar gewerkt aan de transformatie van het gebied. Het terrein krijgt een gemengde invulling met woningen, bedrijfsruimtes en culturele voorzieningen. Zo is het nieuwe popcentrum inmiddels gerealiseerd. Vanwege de monumentale status van het gebouw is daar gekozen voor een zogenoemde doos-in-doosconstructie: een nieuw gebouw binnen de bestaande structuur. Voor de afbouw werd gedurende vijftien weken elke week een trailer met gips aangevoerd. Volgens De Nijs is een groot deel van het werk ambachtelijk van aard. “Veel onderdelen moeten handmatig worden hersteld of gemaakt. Dat vraagt vakmanschap, maar geeft het project ook zijn karakter.”
Na de presentaties kregen de ongeveer twintig aanwezige leden een rondleiding over het terrein. De middag werd afgesloten met een borrel in het nieuwe popcentrum, waar nog volop werd nagepraat over het project en de uitdagingen van bouwen in een monumentale omgeving.
