Minor Cost Engineering trekt recordaantal studenten in 2020

maandag 4 januari 2021
Afbeelding Minor Cost Engineering trekt recordaantal studenten in 2020

In september 2020 is de tiende minor 'Cost Engineering' van start gegaan. De minor van de Haagse Hogeschool trok een recordaantal van 32 studenten bouwkunde en civiele techniek. Zij kregen vanuit de praktijk een verdieping op het gebied van bouwkosten. Of, zoals docent Christine van Straaten het zegt: "Bouwkosten is typisch zo'n vak dat je ook in de praktijk moet leren".

Alweer tien jaar geleden kwamen Koninklijke Bouwend Nederland, Rijkswaterstaat en diverse bouwbedrijven tot een bijzondere samenwerking met de Haagse Hogeschool. Het idee was om studenten bouwkunde, ruimtelijke ontwikkeling en civiele techniek (Built Environment) via lessen door specialisten en aan de hand van praktijkcases de kneepjes van het calculeren en kostenbeheersing bij te brengen. In de vorm van een tienweekse minor kunnen studenten hun kennis aanvullen met echte praktijkgevallen. Hierbij komen zowel de bouwkosten aan opdrachtgevers- als opdrachtnemerskant aan bod. Dit jaar worden de lessen grotendeels online gegeven, maar de praktijklessen bij de deelnemende bedrijven gaan wel gewoon door. Ook het werkbezoek aan de aanleg van de A16 rond Zestienhoven, zodat de studenten een grote bouwplaats live kunnen zien.

Goede aanvulling

Ton de Vries, kostenadviseur bij Rijkswaterstaat, is vanaf het begin bij de minor betrokken. Ook bij Rijkswaterstaat leefde rond 2010 het idee dat de hogescholen te veel nadruk legden op technisch onderwijs, zegt hij: "De opleidingen worden steeds beter, maar toch bieden wij een goede aanvulling. Alleen al omdat alle lessen door praktijkspecialisten worden gegeven". De Vries geeft zelf ook les aan de studenten: "Ik merk dat ze steeds beter worden in het presenteren en dat is zó belangrijk bij een aanbesteding. Wat mij ook aanspreekt, is dat alle bouwfasen aan bod komen. Van ons als opdrachtgever uit tot en met de planning en de uitvoering". De Vries heeft inmiddels zijn eerste ervaringen opgedaan met online lesgeven. "Het is even lastig, maar de studenten hebben meer ervaring dan ik en dat geeft mij ook weer vertrouwen."

Praktijkbeleving

Aan de uitvoerende kant zit Cor Jan Schouten, hoofd calculatie van BAM Infra Projecten. Hij is zeven jaar bij de minor betrokken. Schouten geeft zelf geen les, maar geeft mede zijn deskundige feedback op het werk van de studenten. "De kracht van de minor is volgens mij de praktijkbeleving: het loopt van 'wat kost het om één heipaal in te slaan' tot de milieubelasting van een project. Groepjes studenten schrijven als bedrijf in op een tender en gebruiken dan ook de EMVI-regels. Het geeft onderling een soort competitie en ze voelen de spanning van een echte aanbesteding." Hij waardeert ook het onderlinge contact van de deelnemers erg. "We komen als partners steeds opnieuw bij elkaar om elkaar scherp te houden en de stof aantrekkelijk aan te bieden. We verwachten het beste van hen en dan mogen we zelf niet op de automatische piloot gaan."

Breder kijken

Christine van Straaten wisselde de laatste tien jaar weliswaar van werkgever, maar hield de minor Cost Engineering stevig vast. Nu doceert zij als kostenadviseur namens het Rijksvastgoedbedrijf. "Ik werk hier nog niet zo lang, maar toen ik het ter sprake bracht reageerde men direct enthousiast. We merken dat studenten de aannemerij, ingenieurs- en architectenbureaus kennen en daarom willen we vanuit het Rijksvastgoedbedrijf ook de opdrachtgeverskant belichten. We hebben een bijzondere portefeuille en maatschappelijke opdracht en we hopen natuurlijk dat er straks studenten bij ons blijven hangen." Van Straaten gaat in haar lessen dieper in op de gebiedsontwikkeling. "Naast de kosten berekenen we ook de financiële en maatschappelijke waarden. Je hebt te maken met zeer langlopende projecten die continue veranderen. Door bijvoorbeeld economische of politieke wijzigingen ontstaat opeens een nieuw speelveld. Ik leer de studenten dat zulke projecten niet voor niets zo lang duren en hoe ze daar mee om moeten gaan." Van Straaten leert zelf ook steeds bij. "Soms komen ze met verrassende antwoorden op een vraagstelling. Die open geest en innovatieve ideeën zijn heel verfrissend."

Hoge waarderingen

Bram Kranenburg begeleidt al tien jaar de minor vanuit de Haagse Hogeschool. "Ik kom zelf uit het bedrijfsleven en zie de meerwaarde om theoretische kennis te koppelen aan mooie verhalen uit de praktijk. Die verhalen maken het onderwijs aantrekkelijk en het succes van deze minor bewijst dit. We hebben steeds meer aanmeldingen en studenten geven de experts uit het werkveld écht heel hoge waarderingen. We zitten gemiddeld met de minor boven het cijfer acht. Ze vinden de excursies geweldig en ook de periode die ze in de bedrijven meelopen." Kranenburg prijst het hechte team van externe docenten en de bedrijven die dit allemaal mogelijk maken. "De meesten zijn al jaren bij de minor betrokken en hun enthousiasme, ook dat van nieuwkomers, werkt aanstekelijk. Laten we Koninklijke Bouwend Nederland niet vergeten. Die zorgde dit jaar voor een cursus online lesgeven voor alle docenten en dat loopt werkelijk als een trein."