Contactgroep Vastgoedonderhoud over biobased en circulair vastgoedonderhoud
Maandag 29 juni 2026
Biobased en circulair bouwen is ook in vastgoedonderhoud geen keuze meer, maar noodzaak. Met een grondstoffengebruik dat neerkomt op 3,5 aardes, vraagt dit om actie van zowel woningcorporaties als bouwbedrijven. De praktijk laat zien dat circulair onderhoud haalbaar is, mits vraag en aanbod beter op elkaar aansluiten en duurzaamheid breed wordt gedragen binnen organisaties.
De urgentie is duidelijk. Maar in de praktijk blijkt de transitie naar circulair vastgoedonderhoud nog geen vanzelfsprekendheid. Tijdens onze bijeenkomst benadrukte Vincent Gruis, hoogleraar Housing Management aan de TU Delft, dat het te eenvoudig is om naar elkaar te wijzen. Het argument dat woningcorporaties de vraag onvoldoende aanjagen, is volgens hem maar één kant van het verhaal. Corporaties kunnen zeker meer sturen op circulair onderhoud, maar bouwbedrijven hebben net zo goed de verantwoordelijkheid om het aanbod op te schalen en door te ontwikkelen. Goede voorbeelden zijn circulaire dakbedekking en circulair glas.
Geurt Donze, adviseur strategie en innovatie bij Woonzorg Nederland, een landelijke speler voor senioren huisvesting met ruim 40.000 VHE, vulde aan vanuit zijn praktijk. Zo blijkt uit onderzoek naar 11 renovatieprojecten in de provincie Utrecht (uitgevoerd door Coen Hagedoorn Bouw, Dura Vermeer, Elk Groep, Hemubo, Van Wijnen en Rutges vernieuwt) dat er een CO2-reductie van 34% bereikt kan worden met 1,4% meerkosten.
Van belang is wel dat de duurzaamheidsdoelstellingen niet blijven hangen bij het niveau van de Raad van Commissarissen of directeur-bestuurder, maar ook worden omarmd door de andere lagen binnen de woningcorporatie. Het zou helpen als duurzaamheid wordt meegenomen in de Aedes-benchmark. Bouwbedrijven kunnen binnen zich er hard voor maken om ook in hun samenwerkingsafspraken met corporaties (bijvoorbeeld in RGS-verband) KPI op te stellen over biobased en circulair vastgoedonderhoud.
