Samen met vakmensen bouwen aan de toekomst van fysiek werk
Dinsdag 6 oktober 2026
Hoe zorgen we ervoor dat fysiek werk in de bouw aantrekkelijk, gezond en productief blijft? In het beleidsexperiment ‘Shaping the future of physical work’ gingen bouw- en techniekbedrijven, vakmensen en onderzoekers samen op zoek naar antwoorden.
De bouw staat voor een grote uitdaging. De arbeidsmarkt wordt krapper, terwijl veel werkzaamheden fysiek belastend blijven. Technologische innovaties kunnen een deel van de oplossing bieden. Maar een technisch goed idee sluit niet automatisch aan op de dagelijkse werkelijkheid van de bouwplaats. Bovendien is het voor bedrijven niet altijd eenvoudig om te bepalen welke technologie beschikbaar en geschikt is.
Het onderzoeks- en innovatiecentrum FRAIM, onderdeel van de TU Delft, wil met ‘Shaping the future of physical work’ bijdragen aan werk dat betekenisvol en rechtvaardig is. Hiervoor brengt FRAIM kennis en ervaringen uit verschillende disciplines samen en vertaalt die naar de dagelijkse realiteit van vakmensen.
Beginnen bij de praktijk
Van december 2025 tot juli 2026 is deze aanpak toegepast in de bouw en techniek. Bij drie mkb-bedrijven zijn innovatietrajecten uitgevoerd: Van Schaik, Van Rhijnbouw Renovatie en Paulus Elektro. Het doel was tweeledig: de innovatiekracht van individuele bedrijven versterken en onderzoeken of de aanpak ook breder binnen een sector kan worden toegepast.
De trajecten begonnen op de werkvloer. Door mee te kijken, met medewerkers in gesprek te gaan en concrete werkzaamheden te onderzoeken, werden behoeften, knelpunten en kansen zichtbaar rond zwaar, repeterend en eentonig werk. Daarna zijn samen met de vakmensen mogelijke oplossingen ontwikkeld. De meest kansrijke ideeën zijn vervolgens in de praktijk getest.
Van exoskelet tot volgrobot
De bedrijven testten onder meer exoskeletten voor werken boven schouderhoogte, robots voor het vervoer van gereedschap en materialen en een trapklimmer voor zware lasten. De praktijkproeven maakten meteen duidelijk waar het om draait: een innovatie moet passen bij de taak, de werkomgeving en de mensen die ermee werken.
Juist daarom is het belangrijk om de werkvloer vanaf het begin te betrekken. Een van de deelnemende leidinggevenden verwoordt het zo: “Het betrekken van alle lagen moet je behouden. Het voorkomt dat innovatie alleen vanuit management of techniek wordt bedacht.”
Vrijwel alle ondervraagde vakmensen en kantoormedewerkers verwachten dat de innovaties bijdragen aan hun werkplezier of aan een ander aspect van de kwaliteit van hun werk. Medewerkers voelen zich bovendien beter gehoord en vrijer om ideeën te delen. Zo levert het traject ook meer ruimte op om samen te vernieuwen.
De betrokken partijen gaan nu samen met de bedrijven op zoek naar mogelijkheden om de resultaten verder te brengen.
