SEB-convenant als extra energie-impuls voor meer schoon en emissieloos bouwen
Dinsdag 30 juni 2026
Terugblik op bijeenkomst Wij zijn Karel en Bouwend Nederland – 24 juni 2026 Op 24 juni organiseerden Bouwend Nederland en Karel opnieuw een bijeenkomst voor gemeenten, marktpartijen en inkopers. Dit keer werd het SEB-convenant (schoon en emissieloos bouwen) besproken. De beweging is in gang, maar er ligt nog een flinke opgave voor zowel opdrachtgevers als aannemers.
Beweging is ingezet, maar nog niet vanzelfsprekend
De belangrijkste conclusie van de middag: de sector is duidelijk in beweging, maar afstemming is wenselijk. Steeds meer gemeenten vragen om duurzamer materieel en aannemers spelen meer en meer daarop in. Het aantal aanbestedingen waarin emissieloos bouwen wordt uitgevraagd groeit zichtbaar. Tegelijkertijd is het nog geen vanzelfsprekendheid en continuïteit. Bovendien verschilt de manier waarop per opdrachtgever wordt uitgevraagd, nog (te) sterk: de uniformiteit ontbreekt.
Jill Verlinden (SEB-ondersteuningsbureau) laat zien waar mogelijkheden en ondersteuning mogelijk is. Vanuit de cijfers die Ivo van Zon (expert SEB Bouwend Nederland) toont is duidelijk dat de transitie tijd kost en dat investeringsbereidheid een rol speelt. Zowel aannemers als opdrachtgevers, maar ook leveranciers moeten leren, investeren en processen aanpassen. Daarom wordt aan alle partijen geadviseerd om het stapsgewijs aan te pak: eerst schoner bouwen, en daarna volledig emissieloos. Roger Feller onderstreepte namens Bouwend Nederland het belang van een goede balans en tijdig en open overleg; het moet wel haalbaar in tijd en geld blijven, waarbij vroegtijdig inzicht in vraag en aanbod over en weer wenselijk is.
Waar zitten de knelpunten?
Tijdens de bijeenkomst kwamen ogenschijnlijke(!) belemmeringen naar voren:
• Hoge investeringskosten voor emissieloos materieel
• Onvoldoende vraag of niet consistente vraag in sommige regio’s
• Gebrek aan uniformiteit in aanbestedingen
• Twijfels bij bestuurders over kosten en capaciteit
• Uitdagingen rond laadinfrastructuur
Tegelijkertijd werd ook benadrukt dat uit ervaringen blijkt dat het merendeel van deze knelpunten oplosbaar zijn, zeker als partijen samenwerken en ervaringen delen. Enkel de twijfels bij bestuurders blijken maatwerk en soms moeizaam te zijn. Maar het project van gemeente Dongen met een kleinere aannemer, C-Infra, liet zien dat het, met de juiste aanpak en energie, wél kan.
Praktijkvoorbeeld: gemeente Dongen laat zien dat het kan
Een inspirerend praktijkverhaal kwam van de gemeente Dongen en aannemer C-Infra. Vanuit een bottom-up aanpak is daar stap voor stap gewerkt aan emissieloos bouwen. Ineke Andries, inkoper bij gemeente Dongen benoemde de Bingo-kaart die zij hanteerde waarop de mogelijke belemmeringen, zoals eerder benoemd, ook stonden en die zij in hun project onderbouwd hebben kunnen wegstrepen.
Hun aanpak kenmerkt zich door:
• Klein beginnen met investeringen, neem de markt mee in de ambitie en de beweging en gun elkaar tijd
• Neem medewerkers in de eigen organisatie actief, maar gedoseerd,mee in de noodzakelijke verandering. Op deze manier creëer je draagvlak zowel bij de opdrachtgever als bij de opdrachtnemer. Door gericht ambassadeurs te zoeken en aan te wijzen, wordt duurzaamheid meer en meer een gedeelde verantwoordelijkheid in plaats van een individueel thema.
• Leren door te doen. En deel je successen en je “brilliant failures”, zowel als gemeente als ook als aannemer.
• Slim omgaan met praktische uitdagingen, zoals laden op externe locaties. Zo zoekt Corné van den Noort van C-Infra gewoon contact met bedrijven met mogelijke energie-overcapaciteit en weinig of geen laad-gelijktijdigheid die nabij zijn project gevestigd zijn en komt een prijs overeen voor het laden in uren dat het bedrijf zelf geen energie nodig heeft: praktisch opgelost met voordelen voor “energieleverancier”, C-Infra en de gemeente waarin Corné werkt!
Bouwend Nederland en Karel organiseren sinds enkele jaren bijeenkomsten om marktpartijen en opdrachtgevers nader tot elkaar te brengen, ervaringen uit te wisselen en begrip voor elkaars handelen te hebben. Meer informatie of wanneer je er volgende keer bij wilt zijn? Neem dan contact op met regiomanager Beatrice Dormans of met een inkoopadviseur van Karel.
Samenwerking en vertrouwen als sleutel
Natuurlijk kwam de vraag over controleren aan bod. Een gezonde balans tussen controle en vertrouwen tussen partijen moet er wel zijn, maar de wens voor controle is begrijpelijk. Gelukkig kan monitoring van uitstoot en materieel, bijvoorbeeld via GPS-systemen in het materieel, steeds vaker geautomatiseerd gebeuren.
Daarnaast werd benadrukt dat samenwerking cruciaal is:
• Gemeenten moeten duidelijk en consistent uitvragen
• Aannemers moeten blijven investeren en kennis delen
Convenant als aanjager
Naast dat opdrachtnemers vragen naar een steeds duidelijkere en consistente uitvraag en dat opdrachtnemers zullen moeten investeren is het van belang dat partijen kennis blijven delen, zoals dat vandaag via deze bijeenkomst van Bouwend Nederland en Karel gebeurt.
Het SEB-convenant biedt een duidelijke richting en concrete hulpmiddelen. Voor veel gemeenten is het ondertekenen bovendien een belangrijke stap richting subsidie en versnelling van de transitie.
Jill biedt aan om te helpen bij de overtuiging van Colleges of bestuurders en te helpen om twijfels weg te nemen. Er ligt juist nu een kans om stappen te zetten.
Voor de Spuk-SEB subsidie die per 1-1-2027 beschikbaar wordt gesteld dienen opdrachtgevers vóór 20 augustus van dit jaar een aanvraag in te dienen.
Ook opdrachtnemers kunnen aanspraak maken op subsidie vanuit SEB. Met vragen daarover kunnen ze bij de collega’s van Bouwend Nederland (bijv. Ivo van Zon) terecht.
