• Home
  • Actueel
  • Nieuws
  • Corona, energietransitie en meer: volop uitdagingen voor de bouw en infra

Corona, energietransitie en meer: volop uitdagingen voor de bouw en infra

De visie van Ingrid Thijssen, nieuwe voorzitter VNO-NCW, op de toekomst

maandag 5 oktober 2020

Silke Gurdebeke

Medewerker communicatie
Afbeelding Corona, energietransitie en meer: volop uitdagingen voor de bouw en infra

Corona raakt alle geledingen van de samenleving en het bedrijfsleven. Voor de komende jaren is het cruciaal dat we investerend de crisis uit komen, onder meer door gericht te investeren in kennis, innovatie en verduurzaming. Toen de coronapandemie uitbrak, was Bouwend Nederland volop bezig met een toekomstverkenning. Zo’n vooruitblik is waardevol, want voor bedrijven is het belangrijk om te weten met welke scenario’s ze op termijn rekening moeten houden. Door corona is het zaak om het startpunt van die toekomstverkenning nog eens tegen het licht te houden. In dit stuk ga ik in op de vele uitdagingen voor de bouw- en infrasector en de impact die de coronacrisis daarbij heeft.

Plaatsonafhankelijk werken wordt een blijvertje

Laat ik beginnen met de bouw. Ik denk dat de impact van corona hier per segment sterk zal verschillen. Zo verwacht ik voor de woningbouw geen grote effecten, want de woningnood is aanzienlijk en er moeten nu eenmaal huizen gebouwd worden. Daar doet corona geen afbreuk aan. Bovendien blijft de samenstelling van huishoudens veranderen, op een manier die de vraag naar woningen extra vergroot. Essentieel is wel dat we met elkaar het stikstofprobleem oplossen, zodat er ruimte vrijkomt om te blijven bouwen. Waar corona wel voor zorgt, is dat er veel meer plaatsonafhankelijk gewerkt zal blijven worden. Ik denk niet dat de trek naar de steden blijft aanhouden. Als kenniswerkers vanuit hun eigen huis hun werk kunnen doen, dan zullen ze er eerder voor kiezen om de ruimte op te zoeken, verder weg van de grote steden.

Infraprojecten onder de loep

Corona zou dus wel eens voor een grote, fundamentele verandering kunnen zorgen als het gaat om de plek waar mensen willen wonen. Daarbij hangt het er ook van af welke keuzes de overheid gaat maken, zoals met anders betalen voor automobiliteit. Ook de keuzes van bedrijven spelen een rol, net als het tempo van het economische herstel na corona. Als dat heel snel gaat keren we misschien weer volledig terug naar de oude situatie, maar ik verwacht - en hoop - het niet. Voor de bouwsector kan dat een flinke impact hebben als het gaat om de aanleg van infrastructurele werken, vooral voor wat betreft wegen. Het zou heel goed kunnen dat voorgenomen projecten nog eens goed onder de loep worden genomen om te beoordelen of die nog wel nodig zijn. Aan de andere kant: er zijn nog veel knelpunten in ons wegennet waarvoor de komende jaren een oplossing moet komen. Want files zijn er nog steeds, ook in de huidige coronatijd.

Spoorwegen ontspringen de dans

Al met al denk ik dat de impact van corona aanzienlijk zal zijn, zowel op mobiliteit als op onze woonplaatskeuzes. We zullen dus meer verspreid gaan wonen en de spits gaan vermijden. Veel mensen hebben door corona ervaren hoe het is om vanuit huis te werken. Die willen straks echt niet meer terug naar de oude situatie, waarin ze dagelijks uren moesten reizen naar hun werk. Naast de impact op onze woonplaatskeuzes en de aanleg van wegen, denk ik dat corona ook gevolgen zal hebben voor het aanleggen of uitbreiden van luchthavens. De kans is groot dat we minder zakelijk gaan vliegen. Privé blijven we dat waarschijnlijk wel doen, want we vinden het nu eenmaal veel te leuk om naar allerlei vakantiebestemmingen te vliegen. De spoorwegen hebben in mijn ogen weinig te vrezen van corona. Als de pandemie eenmaal voorbij is, dan stappen mensen die nu tijdelijk voor de auto hebben gekozen, gewoon weer de trein in. Als we anders gaan betalen voor mobiliteit, dan zal er ook meer met het openbaar vervoer gereisd worden, of bijvoorbeeld met een combinatie van openbaar vervoer en deelauto’s en -fietsen.

Commercieel vastgoed onder druk

Waar corona weinig impact zal hebben op de vraag naar woningen, zal dat voor commercieel vastgoed anders liggen. Ik denk dat de impact daar juist heel fors kan zijn. Op basis van de signalen die ik hoor, lijkt de vastgoedsector zelf vrij optimistisch. Dat is ook wel begrijpelijk, gezien de vaak langlopende contracten bij commercieel vastgoed. Ook is er binnen de sector de verwachting dat er door corona voortaan meer ruimte nodig is in kantoren, zodat mensen onderling meer afstand kunnen houden. Ik deel het optimisme niet. Langjarige contracten zijn een keer afgelopen en hebben bovendien geen waarde als een bedrijf failliet gaat. De kans daarop is in de komende paar jaar door corona bepaald niet kleiner geworden. Bovendien zal corona een keer uitgebannen worden. En ik denk niet dat kantoren structureel ingericht gaan worden om rekening te houden met pandemieën. Verder zullen mensen steeds vaker thuis blijven werken, ook na corona. Alle bedrijven die ik spreek zijn daar volop mee bezig en willen niet meer terug naar de oude situatie. Dat alles zal zijn effect op commercieel vastgoed niet missen. Dat kan haast niet anders.

Nieuwe energie-infrastructuur

Corona zal niet veel impact hebben op de aanleg van nieuwe energie-infrastructuur. Die moet er gewoon komen, corona of niet. We staan voor een grote transitie naar duurzame energie. Daarbij is een decentrale aanpak belangrijk, bijvoorbeeld met participatie van burgers, ook voor het draagvlak. Tegelijk denk ik dat ook dat de centrale component een grote rol blijft spelen voor onze energie-infrastructuur. Ook kleine, lokale energieprojecten zullen vaak toch op een of andere manier gebruikmaken van een centraal elektriciteitsnet of misschien wel een waterstofnet, waarvoor mogelijk het bestaande gasnet is te gebruiken. Als je tempo wilt maken met de energietransitie, dan is een centrale aansturing bovendien onmisbaar. Iets anders is dat onze energiebehoefte enorm groot is. Naar mijn mening wordt dat nogal eens onderschat. Met allemaal kleine systemen is het simpelweg onmogelijk om te voorzien in de totale Nederlandse energiebehoefte. Er zal heel veel energie-infrastructuur uitgebreid of aangelegd moeten worden, zoals elektriciteitsstations. Het gaat dus om een mix van centraal en decentraal. Voor de bouwsector maakt dat weinig uit: of het nu gaat om kleine, lokale energiesystemen of grote 380 kV-lijnen: ze moeten allebei aangelegd worden.

Wie betaalt de energietransitie?

Lokale energiesystemen zijn bij nieuwe woningen relatief eenvoudig aan te leggen, maar bij oude gebouwen en industriecomplexen is dat heel anders. Er is veel geloof in warmtenetten, maar waar haal je de schone energie vandaan? Ook geothermie staat in de belangstelling, maar ik heb mijn twijfels: van gerommel in onze ondergrond houden Nederlanders niet. Het meeste heil verwacht ik van waterstof en elektrificatie en kleine warmtenetten op elektrisch aangedreven warmtepompen. Het is natuurlijk ook de vraag hoe we alles gaan betalen. De transitie kost geld, veel geld. Voor burgers en kleine ondernemers is dat niet op te brengen. Wat dat betreft kan corona misschien voor een positieve impuls zorgen. De overheid is door de pandemie enorm veel gaan lenen. Dat laatste kost niet veel, want de rente is extreem laag. Met die ervaring in het achterhoofd, zou de overheid kunnen overwegen om gelijk door te pakken met de energietransitie en daar ook flink voor te lenen.

Gestandaardiseerde woningbouw

Om de woningnood op te lossen zal er allereerst meer grond beschikbaar moeten komen die gemeenten uitgeven voor projectontwikkeling. Dit zal er toe leiden dat de markt vanzelf op gang komt en dat bedrijven meer gaan bouwen. Er moeten veel woningen bij en die moeten bovendien duurzaam zijn. Tegelijk zou ik investeren in innovatieve oplossingen om bestaande bouw te verduurzamen. Het bouwen van woningen gebeurt traditioneel vraaggestuurd, maar dat zou wel eens kunnen veranderen. Bouwbedrijven bouwen nu wat de opdrachtgever vraagt, zoals een corporatie. Die opdrachtgever blijft natuurlijk belangrijk: hij moet tevreden zijn met de woning. Maar ik sluit niet uit dat de rollen worden omgedraaid, en dat we naar een meer gestandaardiseerd woningaanbod toe gaan, met meer prefab en industrialisatie. Uiteindelijk zullen prijs, volume en bouwsnelheid hier bepalend in kunnen zijn. Als je dat proces optimaal inricht, krijg je de opdrachtgever wel mee. Zo werkt het overal! Wat ik wel belangrijk vind, is dat woningen geen saaie eenheidsworsten worden. Iedereen wil in een fijn huis wonen dat past bij zijn persoonlijke smaak, dus een goede architectuur en voldoende variatie blijven belangrijk. Mocht het de kant van standaardisatie op gaan, dan leidt dat mogelijk tot meer robotisering, maar er zullen altijd goede vakkrachten nodig zijn. Daar ligt een flinke uitdaging, want er is een groot tekort aan goed geschoold bouwpersoneel. Bovendien neemt de vergrijzing steeds meer toe, wat het probleem verder vergroot. Een groot thema voor de bouw is dan ook: hoe zorg je ervoor dat meer mensen kiezen voor een technisch beroep?

Inzetten op langjarige partnerships

Ik denk dat het voor de bouwsector erg belangrijk is om meer te gaan innoveren. Bijvoorbeeld als het gaat om digitalisering, die met de komst van corona een grote vlucht heeft genomen. Maar bijvoorbeeld ook als het gaat om de manier van contracteren. Ik geloof heilig in langjarige partnerships tussen bedrijven. Dat zorgt voor stabiliteit en ruimte voor innovatie. In de bouw is dat al heel lang een probleem. Alles draait er om aanbesteden en daarmee vaak om de laagste prijs. Als je een contract sluit voor een project waar je een paar jaar mee bezig bent, dan kun je niet investeren in allerlei innovaties. Dat is simpelweg niet rendabel, al was het maar omdat innoveren een kwestie is van trial and error. Het is in mijn ogen cruciaal om vernieuwend na te denken over de relatie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer en daarmee te experimenteren. Ik gun het de bouw zeer dat er meer ruimte komt voor langetermijnrelaties, zodat er ook meer ruimte komt om te innoveren. Uiteindelijk wordt iedereen daar beter van, daarvan ben ik overtuigd.

Meer weten?

Het traject ‘Nu Bouwen aan Morgen: Verkenning Bouw en Infra 2030’ is inmiddels in volle gang. Wil je graag op de hoogte blijven van verdere ontwikkelingen? Houd dan zeker het digitaal platform in de gaten.

Op maandag 7 december presenteren we de resultaten van onze toekomstverkenning via een online congres. Wil je hier graag bij zijn? Meld u dan snel aan.