• Home
  • Actueel
  • Nieuws
  • Opdrachtgevers, opdrachtnemers en adviseurs laten licht schijnen over participeren en investeren

Opdrachtgevers, opdrachtnemers en adviseurs laten licht schijnen over participeren en investeren

donderdag 25 maart 2021

Sander Wubbolts

Regiomanager Regio Noord
Afbeelding Opdrachtgevers, opdrachtnemers en adviseurs laten licht schijnen over participeren en investeren

Ook op de bouw en de omgeving heeft corona grote impact. Maar lang niet alle gevolgen zijn negatief, zo bleek dinsdag 23 maart 2021 bij de bijeenkomst van Stadswerk Noord, NL Ingenieurs Noord en Bouwend Nederland Regio Noord.

Uiteraard was ook de jaarlijkse bijeenkomst van opdrachtgevers, opdrachtnemers en adviseurs een digitale aangelegenheid. En hoewel Nederland inmiddels tekenen van Teams-moeheid begint te vertonen, maakten de circa vijftig deelnemers er een geanimeerde sessie van. Dat had veel te maken met het programma. Naar verwachting gaat 1 januari 2022 de Omgevingswet in. Participatie gaat dan bij ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving een veel grotere rol spelen dan nu het geval is. Liesbeth van de Wetering, programmamanager Kwaliteit Openbaar Bestuur bij de provincie Groningen en Gangmaker Programma #StadDoetMee bij de gemeente Groningen, vertelde daarover. Ze besprak de Participatieleidraad die inzicht geeft in waar je als initiatiefnemer aan moet denken wanneer omgeving en omwonenden worden betrokken bij het opstellen van plannen. Ook maakte ze duidelijk dat participatie ontwikkelingen niet hoeven bemoeilijken,maar dat het juist toegevoegde waarde kan hebben in de vorm van bijvoorbeeld een groter draagvlak, innovaties, persoonlijke ontwikkeling. 

Democratisch kompas

Belangrijke voorwaarde is dat de participatie een democratisch proces is. Het democratisch kompas dat ze liet zien kan een belangrijk hulpmiddel zijn bij het werken vanuit democratische waarden. Het wijst er bijvoorbeeld op dat het participatieproces een toegankelijke vorm moet hebben en dat alle betrokkenen een stem in het proces moeten hebben. Wat dat laatste betreft lijken de coronabeperkingen een onverwachte positieve bijdrage te leveren. Veel inspraak- en participatiebijeenkomsten vinden tegenwoordig online plaats en dat levert meer deelname op dan de fysieke bijeenkomsten. Blijkbaar is de drempel voor veel mensen lager. Chatfuncties tijdens zo’n sessie maken het ook makkelijker om dingen in te brengen en om op te halen wat deelnemers zeggen.
Het is niet te verwachten dat online bijeenkomsten in de koelkast gaan zodra de coronamaatregelen niet meer nodig zijn; een combinatie van fysieke en digitaal lijkt ideaal. In dat dat kader wees Van de Wetering op de website stemvan.groningen.nl, waar verschillende participatietrajecten voor inwoners inzichtelijk worden gemaakt. Inwoners kunnen via die site heel makkelijk zien wat plannen in hun gemeente zijn en deelnemen aan het participatieproces.

Vruchten plukken

De presentatie van Van de Wetering leverde diverse vragen en reacties op. Zo gaf onder meer KWS aan dat het zinvol is om ook naar andere contractvormen te kijken. Met bijvoorbeeld tweefasen-contracten en werken in bouwteams kunnen bouwers veel vroeger inbreng leveren voor het participatieproces en het omgevingsmanagement. Voordeel is ook dat bouwers dan al vroeg in het proces een band kunnen opbouwen met de omgeving, en daar plukt iedereen de vruchten van tijdens de uitvoering.

Bancaire blik op de bouw

Tweede spreker van de bijeenkomst was Jan van der Doelen van de ING, sector Banker Building & Construction. Van der Doelen schetste vanuit bancair oogpunt de effecten van de coronacrisis op de bouw, en dat leverde een wat positiever beeld dan de gebruikelijke cijfers laten zien. Dat komt onder meer doordat banken kijken naar de liquiditeit van de sector. Voor hen is, naast het risicoprofiel van het te financieren project, de hoeveelheid vet op de botten een belangrijke graadmeter voor het wel of niet financieren van projecten. Met die liquiditeit zat het volgens Van der Doelen goed in 2020. Evengoed wees de ING-man erop dat het niet onverstandig is om voor de financiering van grote projecten niet alleen bij de banken aan te kloppen, maar ook te kijken naar combinaties met bijvoorbeeld investeringsmaatschappijen. Waarmee hij overigens niet wilde aangeven dat banken een stapje terug zetten en het aan de investeringsmaatschappijen overlaten om risico te lopen. “We hebben maar 2% van de aanvragen niet gehonoreerd en dat is absoluut niet veel”, gaf hij desgevraagd aan.
Ook ging hij in op de vraag of banken naast duurzaamheidshypotheken met aantrekkelijke tarieven ook groene leningen voor de investering in emissieloos bouwmaterieel gaan aanbieden. Achter de schermen wordt daar wel aan gewerkt maar het staat nog in de kinderschoenen, liet de bankier weten.

Stoeien met stellingen

Naast de vragen aan de twee sprekers, leverden de deelnemers ook nog inbreng door op een aantal stellingen te reageren. Zo werd bijvoorbeeld gevraagd of industrialisatie in de bouw dé oplossing is om betaalbaar te kunnen (blijven) bouwen. Dat leverde weinig discussie op, vrijwel alle deelnemers vonden van wel. Levendiger werd het bij de stelling dat de risicos bij circulaire businessmodellen te groot zijn om er nu volop op in te zetten, omdat de mogelijkheid tot opschaling ontbreekt. Vooral de vraag hoe uit de pilotfase te komen blijkt een lastige. “Alles moet sneller, slimmer en beter maar we zien dat het leergeld veelal door de markt wordt betaald”, was een opmerking. En: “Opschaling blijft na pilotfase vaak achterwege waardoor de betaalbaarheid nog onder druk staat.” De discussie leerde wel dat iedereen het er over eens was dat er gezamenlijk aan moet worden gewerkt en dat er dus goede energie op themas als verduurzaming en circulair bouwen zit.