Te nauw aanbesteden nekt megaprojecten in infrasector

dinsdag 10 maart 2020
Afbeelding Te nauw aanbesteden nekt megaprojecten in infrasector

De Noord-Zuidlijn, de Schipholtunnel en de Betuwelijn – het rijtje Nederlandse ‘megaprojecten’ uit de afgelopen jaren roept weinig positieve herinneringen op. Ook in 2020 dreigt er veel mis te gaan. Krappe marges, moeilijke aanbestedingen en hoge risico’s voor ondernemers zijn hierbij belangrijke thema’s.

Wie denkt aan de meest succesvolle Nederlandse bouwprojecten komt al gauw uit bij de Afsluitdijk (bouwjaar 1932) of de Oosterscheldekering (1986 voltooid). Recent hebben we moeite met het ondernemen van grootschalige bouw- of infrastructuurprojecten. Bouwjournalisten Arend Clahsen en Hans Verbraeken van het Financieele Dagblad leggen uit waar het volgens hen misgaat. De voornaamste oorzaak: te nauwe aanbestedingen.

Zuidasdok

In maart 2019 begon het bouwconsortium ZuidPlus – bestaande uit Heijmans, Fluor en Hochtief – met het ondertunnelen van Ringweg A10 ten hoogte van de Zuidas. Al na twee maanden bleek dat ‘Zuidasdok’ honderden miljoenen euro’s extra kost en een jaar langer gaat duren dan begroot. “Bovendien zit er een enorme vertraging in de ontwerpfase”, legt Clahsen uit. “Feitelijk moet het project nog beginnen.” De journalist ziet het project als een voorbeeld van het problematische aanbestedingsproces. “Ontwerp en uitvoering werden volledig bij de markt neergelegd. Hierdoor maak je de markt verantwoordelijk.”. Die verantwoordelijkheid maakt een megaproject voor de bouw risicovol. Immers, extra kosten zijn voor de opdrachtnemer, niet voor de opdrachtgever. De overheid loopt daardoor het risico dat de prijs die zij voor ogen had niet rijmt met de kosten van het bouwbedrijf. Clahsen: “Uiteindelijk hebben dit soort projecten een harde prijs.”

Zeesluis IJmuiden

Ook in IJmuiden verloopt het lokale megaproject allesbehalve vlekkeloos. De Nieuwe Zeesluis werd in 2015 aan BAM en VolkerWessels gegund, maar kostte beide bouwbedrijven al gauw veel geld. “Ontwerpfouten kostten de bouw 220 miljoen euro in de aanloop van het project. Het Rijk heeft daarvan 64 miljoen bijgelegd”, verklaart Clahsen. Ook hier heeft een dwingend contract met de overheid de bouw geld gekost. Clahsen: “BAM en VolkerWessels hebben maar weinig ruimte om te schuiven, terwijl ze al hele kleine marges hebben.” VolkerWessels heeft om die reden aangegeven met deze contractvorm niet langer te willen werken. Volgens Clahsen is Rijkswaterstaat voornemens contracten in de toekomst anders aan te pakken.

Zuidelijke Ringweg Groningen

Een derde megaproject waar de Nederlandse problemen goed zichtbaar zijn is de Zuidelijke Ringweg van Groningen. Verbraeken ziet dezelfde dingen misgaan die zijn collega constateerde bij de Zeesluis en de Zuidasdok. “In 2016 werd het aan een handjevol regionale en Duitse aannemers gegund om het in 2021 af te hebben. Dat is wegens het gebrekkige ontwerp al 2024 geworden.” Ook hier zorgde onenigheid over het contract voor meer vertraging. Net als bij de Zuidasdok moest er een mediator aan te pas komen. Dat heeft volgens Verbraeken weinig geholpen: “De partijen zijn nog steeds aan het bakkeleien over wie moet opdraaien voor de vertraging en de duurdere uitvoering.”

Meer weten?

Luister dan naar de uitzending van BNR Bouwmeesters van 9 maart terug over ‘De grote bouwthema’s van 2020’ of bekijk het overzicht van alle uitzendingen.

Beeld: BNR