De coronacrisis en de Wet Poortwachter

woensdag 8 april 2020
Afbeelding De coronacrisis en de Wet Poortwachter

De maatregelen en maatschappelijke gevolgen van de coronacrisis hebben ook invloed op de wijze waarop de re-integratie-inspanning van de werkgever in het kader van de Wet verbetering Poortwachter (WVP) worden beoordeeld. Hieronder bieden we een overzicht van veelgestelde vragen over dit onderwerp.

Wat als je door corona niet aan de poortwachtersverplichtingen kan voldoen?

Ondanks alle maatregelen rondom corona is het uitgangspunt van de beoordeling van het re-integratie verslag nog steeds de werkwijzer Poortwachter. Dit betekent dat als je als werkgever zonder deugdelijke grond, de poortwachtersverplichtingen niet bent nagekomen, het UWV een loondoorbetalingsverplichting van maximaal 52 weken kan opleggen, conform art. 25 lid 9 WIA.
Het UWV houdt uiteraard bij de beoordeling wel rekening met de maatregelen die zijn genomen in het kader van de corona situatie. Het UWV zal vaststellen of er ondanks de bijzondere omstandigheden toch voldoende aan re-integratie is gedaan en/of de verwachte procesgang wel/niet gevolgd kon worden. Dit geldt zowel voor beoordeling van het RIV als voor het RIV-EDV en het RIV ERD-ZW. Het UW zal toetsen of de werkgever in staat is geweest om de tekortkomingen in de re-integratie te herstellen.

Wat moet je doen om het dossier toch zo volledig mogelijk te krijgen?

  • Als vanwege de corona maatregelen het RIV niet volledig is nagekomen beschrijf hierin dan goed hoe de corona situatie van invloed is geweest op het re-integratieproces of het herstel hiervan, zodat de arbeidsdeskundige kan beoordelen of er voldoende argumenten zijn om een deugdelijke grond aan te nemen. In principe blijft het beoordelen van de deugdelijke grond staan, zoals in de werkwijzer Poortwachter omschreven staat, maar er kunnen in verband met Corona nieuwe situaties worden benoemd die mogelijk een deugdelijke grond kunnen opleveren.
  • Motiveer als werkgever in het RIV goed waarom en gedurende welke periode de re-integratie is gestagneerd;
  • Het kan zijn dat er redenen zijn om de door de bedrijfsarts vastgestelde belastbaarheid aan de verzekeringsarts voor te leggen. De verzekeringsarts zal dan met beperkte onderzoeksmiddelen zo goed mogelijk proberen te beoordelen of de belastbaarheid zoals die is vastgesteld door de bedrijfsarts, gevolgd kan worden of niet.
  • De procesbegeleider en teamondersteuner toetsen vervolgens of het RIV compleet is. Als er stukken ontbreken dan zal beoordeeld worden of dit gezien de corona situatie acceptabel is. Het is voor jou als werkgever dan ook van belang om in een begeleidende brief uit te leggen waarom bepaalde documenten ontbreken.

Wat gebeurt er als ik niet alle stukken voor het RIV compleet heb?

In principe is het beleid ongewijzigd en moet het RIV volledig worden aangeleverd. Veel stukken kunnen ook elektronisch worden aangeleverd (ook als er bijvoorbeeld sprake is van een gedwongen bedrijfssluiting. Het is daarbij niet nodig om fysieke handtekeningen op de documenten te hebben. De werknemer kan in de daarvoor bestemde documenten (of in RIV of op de aanvraag) zijn visie op de re-integratie verwoorden.

Wat als het niet lukt om het dossier binnen 5 werkdagen op orde te krijgen?

Als het je niet lukt om het dossier alsnog binnen vijf werkdagen op orde te krijgen door de corona maatregelen dan zal hiermee met coulance worden omgegaan, mits de tijdigheid van het RIV/WIA dit toelaat. In de Werkwijzer Poortwachter staat: wanneer er een dringende reden is dat niet voldaan kan worden aan het binnen 5 werkdagen leveren van de ontbrekende informatie, overleg met UWV mogelijk is. Dit geeft ook voldoende ruimte nu in de corona situatie.

Wat kan je doen als je problemen hebt met herstel van de tekortkomingen?

Je kunt dan een bekortingsverzoek indienen. In dit bekortingsverzoek dien je te motiveren waarom- en gedurende welke periode de re-integratie gestagneerd is.
Voor het beoordelen van het bekortingsverzoek gelden dezelfde richtlijnen zoals genoemd bij het beoordelen van de deugdelijke grond en het herstel van de tekortkomingen. Het zal veelal maatwerk zijn.

Wat wordt er van de werkgever qua bereikbaarheid voor vragen verwacht?

Als er meer informatie nodig is dan wordt er van jouw als werkgever verwacht dat er telefonische bereikbaarheid is. Ook als er sprake is van een bedrijfssluiting of ziekte. Er wordt namelijk van de werkgever verwacht dat administratieve handelingen gewoon worden uitgevoerd (zoals dat ook bij bedrijfssluitingen wegens vakantie het geval is.)

Contacten en onderzoeken (door bijvoorbeeld arbeidsdeskundige) kunnen ook telefonisch worden ingezet/uitgevoerd en zo nodig in een later stadium worden aan-/ingevuld door daadwerkelijke fysieke acties. Als je als werkgever op geen enkele wijze kan worden bereikt, wordt maatwerk geleverd. Daarbij wordt zo nodig rekening gehouden met het feit dat de werkgever zich niet op de situatie heeft kunnen voorbereiden.

Hoe zal het UWV het RIV toetsen?

het UWV zal het RIV zoveel mogelijk beoordelen op basis van de gegevens van de bedrijfsarts. De arbeidsdeskundige overlegt nog steeds met de verzekeringsarts in de hiervoor aangewezen situaties, de verzekeringsarts neemt zo nodig contact op met de bedrijfsarts maar als de gegevens van de bedrijfsarts ook maar enigszins plausibel zijn, wordt dit als uitgangspunt genomen voor de RIV- toets. 

  • Indien er een verschil van inzicht is met de bedrijfsarts en dit verschil ook na telefonisch overleg met de bedrijfsarts blijft bestaan dan gebeurt er het volgende:
  • De verzekeringsarts probeert dan of er via een telefonisch spreekuur voldoende informatie verzameld kan worden om te onderbouwen dat er sprake is van een andere belastbaarheid (FML is niet nodig), dan die door de bedrijfsarts aangegeven en sinds wanneer dat is. De arbeidsdeskundige beargumenteert vervolgens of er eventueel re-integratiekansen zijn gemist.
  • Indien het niet mogelijk is om telefonisch (via werknemer en bedrijfsarts) voldoende informatie te verzamelen om dit te onderbouwen omdat hiervoor een fysiek spreekuur nodig zou zijn, dan gaat het UWV alsnog uit van de belastbaarheid zoals beschreven door de bedrijfsarts en beoordeelt de arbeidsdeskundige of er uitgaande van deze belastbaarheid eventueel re-integratiekansen zijn gemist. Het risico bestaat dan dat, indien uit dit onderzoek blijkt dat er geen gemiste re-integratiekansen zijn, er in deze situatie mogelijk onterecht geen verlengde loondoorbetalingsverplichting wordt opgelegd.

Hoe wordt beoordeeld of er sprake is van een deugdelijke grond?

In principe blijft het beoordelen van de deugdelijke grond staan zoals in de Werkwijzer Poortwachter is beschreven. Er kunnen echter in verband met Corona nieuwe situaties worden benoemd die mogelijk een deugdelijke grond kunnen opleveren.

  • Werkgever motiveert in het RIV waarom en gedurende welke periode de re-integratie is gestagneerd
  • Verplichte bedrijfssluiting in verband met Corona.
    Dit is met name aan de orde als de werknemer re-integreert in eigen of ander werk bij de eigen werkgever. Het UWV verwacht wel van werkgever, dat als werknemer herplaatst kan worden conform mogelijkheden na bedrijfssluiting in passend werk, er (ook aan werknemer) sprake is van een onherroepelijke toezegging dat herplaatsing wordt gerealiseerd na heropening.
  • Geen uitvoering kunnen geven aan (onderdelen van) een traject 2e spoor in verband met Corona. Dit kan onder meer aan de orde zijn bij proefplaatsing/bedrijfssluiting nieuwe werkgever, uitvoeren van vrijwilligerswerk/opdoen arbeidsritme, niet beschikken over voldoende digitale vaardigheden voor begeleiding op afstand. Dit traject kan dan voor die onderdelen tijdelijk worden opgeschort tot einde Covid-19 en vraagt heroverweging en waar mogelijk bijstelling van het plan. 
  • Fysiek niet kunnen uitvoeren van passend werk, bijvoorbeeld door vermindering werkaanbod werkgever of het niet meer kunnen realiseren van voldoende ondersteuning op werkplek door een opgelegde corona maatregel.

De loondoorbetalingsverplichting is volgens rechtspraak opgelegd om tekortkomingen in de re-integratie te herstellen. De werkgever moet hier dan ook wel toe in staat zijn en blijkt dat dit door Corona niet kan, wordt er geen verlengde loondoorbetalingsverplichting opgelegd.

Wanneer is er geen sprake van een deugdelijke grond?

Er is geen sprake van een deugdelijke grond bij;

  • Onvoldoende onderzoek in spoor 1; dit kan “gewoon” alsnog worden uitgevoerd. Mocht voor dit onderzoek gericht werkplekonderzoek nodig zijn, dan kan je als werkgever c.q. ingeschakelde arbeidsdeskundige zoeken naar andere manieren om dit toch te kunnen uitvoeren. 
  • Spoor 2 kan in principe zoveel mogelijk worden voortgezet. Re-integratiebureaus kunnen hun dienstverlening in veel gevallen ook op afstand organiseren. Er zullen echter ook situaties zijn waarin dit niet mogelijk is. Hiermee dient dan rekening te worden gehouden. 
  • Dreigende betalingsonmacht is nu en door corona geen reden om van een loondoorbetalingsverplichting af te zien. Het feit dat een werkgever niet aan zijn betalingsverplichtingen kan voldoen, kan niet betekenen dat de re-integratie-inspanningen dan als ‘voldoende’ moeten worden beschouwd. Het kan evenmin gelden als een ‘deugdelijke grond’ voor die ‘onvoldoende inspanningen’. 
  • Daarnaast compenseert de overheid tot maximaal 90% van de loonkosten o.g.v. de NOW-regeling. Voor de bekostiging van arbeidsdeskundig onderzoek en dergelijke door de werkgever, voorziet de overheid door o.a. garanties te geven voor bedrijfskredieten.

Wat gebeurt er als het UWV toch van plan is om een loonsanctie op te leggen?

Voordat het UWV een verlengde loondoorbetalingsverplichting (loonsanctie) daadwerkelijk aan de werkgever oplegt, wordt deze eerst voorgelegd aan de Landelijke Loonsanctie Commissie (LLC) voor een bindend advies. De LLC toetst of de op te leggen loondoorbetalingsverplichting past binnen de grenzen van de redelijkheid, of deze voldoende beargumenteerd is en of voldaan is aan verplichte procedures als hoor-en wederhoor. De LLC zal ook waken over de grenzen van redelijkheid in relatie tot Corona. De invloed die de Corona situatie heeft op het wel of niet goedkeuren van de voorgelegde verlengde loondoorbetalingsverplichtingen wordt m.i.v. 1 april 2020 geregistreerd.

Kan er in de coronaperiode een deskundige oordeel worden aangevraagd?

Tijdens de Corona periode kunnen er door werkgevers en werknemers gewoon deskundigenoordelen worden aangevraagd. Deze zullen door het UWV zoveel mogelijk op stukken en op afstand worden uitgevoerd. Hiervoor kunnen creatieve oplossingen worden gezocht. Het zal echter niet in alle gevallen mogelijk zijn om tot een inhoudelijk oordeel te komen, bijvoorbeeld in verband met een noodzakelijk fysiek spreekuur bij een verzekeringsarts. Als dit aan de orde is, kan de werkgever bij latere RIV-beoordelingen niet worden verweten dat er bij impasse / stagnerende re-integratie geen deskundigenoordeel is aangevraagd, gedurende deze Corona-periode. Het ontslaat werkgever en werknemer echter niet van de verplichting om andere wegen te zoeken om de re-integratie zoveel mogelijk voort te zetten.

Wordt ook na de coronaperiode rekening gehouden met de gevolgen van de coronaperiode bij de beoordelingen van het RIV?

Ja, ook na deze Corona periode zal het UWV rekening houden met RIV-beoordelingen waarin een Corona stagnatie-periode zit. Dit betekent dat ook na deze periode bij de beoordeling rekening gehouden moet worden met de tijd waarin het uitvoeren van re-integratie-activiteiten beperkt mogelijk was. De werkgever motiveert in het RIV waarom en gedurende welke periode de re-integratie is gestagneerd.

 

 

Coronacrisis | Vragen en antwoorden

Op deze pagina vindt u een overzicht van veelgestelde vragen en antwoorden van leden.

Naar themapagina Coronacrisis