Onderhandelingsresultaat cao Bouw & Infra 2020 bereikt

dinsdag 30 juni 2020
Afbeelding Onderhandelingsresultaat cao Bouw & Infra 2020 bereikt

Werknemers- en werkgeversorganisaties in de bouw en infra hebben een onderhandelingsresultaat bereikt over een nieuwe cao tot 1 januari 2021. De focus ligt op het kunnen blijven doorbouwen, ondanks de gevolgen van stikstof, PFAS en corona. Bouwplaatsmedewerkers kunnen vanaf volgend jaar eerder stoppen met werken, omdat partijen het eens zijn geworden over een zwaar werkregeling.

De lonen gaan per 1 december 2020 structureel met 2% omhoog. Daarnaast krijgen werknemers in december een eenmalige bruto uitkering van 350 euro naar rato van hun dienstverband. Verdere pensioenpremiestijgingen worden gelijk verdeeld tussen werkgevers en werknemers.

Eerder stoppen met werken

Voor bouwplaatsmedewerkers met zwaar werk geldt dat zij vanaf 2021 drie jaar eerder kunnen stoppen met werken. Deze zwaar werkregeling is onder voorbehoud van de totstandkoming van het pensioenakkoord. De nieuwe cao Bouw & Infra heeft een looptijd van 1 januari tot en met 31 december 2020.

'We hebben elkaar hard nodig'

George Raessens, voorzitter werkgeversdelegatie: "De opgave in de sector is groot. Tegelijkertijd hebben we nog altijd te maken met stikstof- en PFAS- problematiek en onduidelijkheid omtrent de gevolgen van de coronacrisis. Om die uitdagingen het hoofd te bieden hebben we elkaar hard nodig. Bonden en werkgevers slaan met dit akkoord de handen ineen om echte problemen op te lossen. Opdrachtgevers worden aangesproken om werk naar voren te halen. Er wordt hard gewerkt aan een sterk stimuleringspakket om instroom en opleiden te bevorderen. Voor een groep oudere medewerkers in zwaar werk die de AOW-leeftijd steeds verder naar achteren zag schuiven, hebben wij goede afspraken gemaakt."

Het onderhandelingsresultaat werd op 29 juni 2020 ondertekend en wordt op korte termijn voorgelegd aan de achterbannen. Lees hier de tekst van het onderhandelingsresultaat. Op de foto van links naar rechts: Gijs Lokhorst (CNV), George Raessens (Bouwend Nederland), Hans Crombeen (FNV).