Bouw moet antwoorden formuleren op extreem weer

dinsdag 30 juni 2020

Richard Massar

communicatieadviseur
Afbeelding Bouw moet antwoorden formuleren op extreem weer

Het klimaat verandert en het weer wordt steeds extremer. Bloedhete zomers en tropische regenbuien wisselen elkaar vaker af, ook in Nederland. Onze gebouwde omgeving is daar nog niet op ingesteld, maar met innovatieve technieken kan de bouw Nederland klimaatbestendig maken.

Al jaren is het Nederlandse klimaat minder gematigd aan het worden. De gevolgen zijn regelmatig in het nieuws: droogte en hittegolven, maar ook bekende problemen als overstromingen en heftige regenval. Omdat dit onvermijdelijk gevolgen heeft voor de bouw, richtte de TU Delft iets meer dan vijf jaar geleden The Green Village op. In The Green Village worden onderzoekers en ondernemers samengebracht om innovatieve oplossingen te vinden voor extreem weer in de gebouwde omgeving.

Extreem weer

Sinds 2019 is Marjan Kreijns directeur van The Green Village: "We proberen antwoorden te formuleren op extreem weer. Zoals wateroverlast, daar hebben we een zogenaamde waterstraat voor. We testen er innovaties om water beter door straten te laten afvoeren die iets verder gaan dan een advies om tuinen niet te betegelen." Soms ontkom je niet aan betegeling of asfalt, op een snelweg bijvoorbeeld. "Aan ons de taak om in dat geval materiaal te vinden dat water beter laat doorstromen. In onze waterstraat hebben we daarom twaalf verschillende materialen liggen om mee te experimenteren." Om naast wateroverlast een oplossing voor hittestress te vinden, richt The Green Village binnenkort een 'hitteplein' op.

Steeds meer lef

Er zijn meerdere innovaties inmiddels doorontwikkeld en op de markt gebracht. "Een prachtig voorbeeld is het bedrijf Field Factors. Dat bestaat uit twee jonge, slimme mensen die bouwkunde studeerden aan de TU Delft en op de Green Village hun innovatie hebben uitgewerkt. Hun zogenaamde 'blue blocks' liggen inmiddels in een wijk in Rotterdam." Kreijns is soms gefrustreerd over het tempo waarmee ontwikkelingen plaatsvinden. "Het is moeilijk de juiste middelen te vinden voor projecten als dit. We zijn afhankelijk van overheidsinstanties zoals de provincie of het waterschap. Dat is niet bepaald een sector die erg innovatief is", zegt Kreijns. Gelukkig staat daar volgens de bouwinnovator tegenover dat ze tegenwoordig steeds vaker jonge mensen tegenkomt met het lef om iets nieuws te proberen.

Hittestress

Nu hittestress steeds urgenter wordt, is ook in de nieuwe bouwregelgeving (de zogenaamde BENG-norm) die per 1 januari 2021 ingaat opgenomen dat nieuwbouw niet makkelijk oververhit mag raken. Dat probleem komt steeds vaker voor naarmate de aarde opwarmt. Zo zijn er studentenflats in Leiden waar het afgelopen week wel 40 graden kon worden binnen. Iemand die hier al tien jaar mee bezig is, is Claudia Bouwens. Bouwens is programmaleider platform Klimaat Adaptief bouwen met Natuur (KAN), een initiatief van NEPROM, NVB-bouw en Bouwend Nederland. Volgens haar is hittestress zo moeilijk omdat het tegen onze intuïtie ingaat. "Om gebouwen energiezuinig te maken, zorgen we ervoor dat ze goed geïsoleerd zijn, maar het gevolg daarvan is dat ook in de steeds warmere zomers alle hitte wordt vastgehouden. We moeten serieus werk maken van zonneschermen of nieuwe glassoorten." Toch hebben ook zonneschermen en andere glassoorten vaak nadelen voor de energiezuinigheid. "Het is zaak dat we een balans vinden tussen energiezuinigheid en hitte", meent Bouwens.

Meer weten? Luister dan de uitzending van BNR Bouwmeesters van 29 juni terug over 'Hittestress, wateroverlast en de bouw' of bekijk het overzicht van alle uitzendingen.