Juridische achtergrondinformatie

Wat is een collectieve actie?

Afbeelding Juridische achtergrondinformatie

Een collectieve actie is een gedraging van een groep medewerkers ter behartiging van een bepaald collectief belang. Dergelijke acties worden doorgaans door de vakbond georganiseerd. De vakbond probeert met steun van medewerkers extra druk op de werkgever, of soms de overheid uit te oefenen. De bekendste vorm van collectieve actie is een staking. Daarnaast zijn er andere actievormen die mogelijk gelijktijdig met de staking worden toegepast.

Redenen voor het voeren van collectieve actie

  • het vastlopen of mislukken van de onderhandelingen over arbeidsvoorwaarden tussen de cao-partijen;
  • het willen verbeteren van bestaande arbeidsvoorwaarden;
  • uit protest tegen een doen of juist nalaten van de werkgever (bijvoorbeeld ontslag van collega);
  • het willen behouden van werkgelegenheid of voor een beter sociaal plan;
  • solidariteit met de strijd van andere arbeiders;
  • politieke motieven.

Het recht op collectieve actie

Het recht op collectieve actie wordt beschouwd als belangrijk onderdeel van vrije collectieve arbeidsrelaties. Het is vastgelegd in artikel 6 lid 4 van het Europees Sociaal Handvest. Daar staat dat werknemers het recht hebben om collectief actie te voeren in geval van belangengeschillen.
Werknemers in Nederland kunnen een beroep doen op art. 6 lid 4 ESH als er sprake is van belangengeschillen tussen werkgever en werknemer. Dat geschil moet gaan over de hoogte van het loon of over andere arbeidsvoorwaarden. Het gaat hier dus om collectieve acties betreffende het werk en de arbeidsvoorwaarden. Werknemers kunnen geen beroep doen op dit artikel als het gaat om collectieve acties tegen bijvoorbeeld euthanasie of oorlogen in het buitenland. Het gaat hier niet alleen om stakingen maar ook om stiptheid- en langzaamaanacties.

In de Nederlandse wet is niet vastgelegd wanneer een actie wel of niet is geoorloofd. Dit bepaalt de rechter. Een collectieve actie is pas geoorloofd als andere middelen hebben gefaald. Het is in beginsel aan de vakbonden om te oordelen dat daar sprake van is. De rechter toetst uiteindelijk de manier waarop vakbonden het besluit hebben genomen om tot werkacties over te gaan.
De wijze van actie voeren moet zorgvuldig zijn gekozen. Er mag geen gevaarlijke situatie in of buiten het bedrijf ontstaan. Ook mogen actievoerende werknemers geen strafbare feiten plegen, zoals het opsluiten van mensen of het gebruiken van geweld.

Wat is het verschil tussen een georganiseerde en een “wilde actie”?

Een georganiseerde actie wordt vaak door de vakbond georganiseerd en gesteund. Het gaat dan meestal om een grote groep werknemers die deelnemen aan de actie (bv. een staking). Hun doel is vooral het verbeteren en/of veranderen van de arbeidsvoorwaarden. Zo’n actie kan van langere duur zijn.

Wilde acties breken vaak spontaan uit en worden niet door de vakbond georganiseerd. Bij een wilde actie (vaak uit protest) is vaker een kleine groep werknemers betrokken. De duur van de actie is meestal beperkt. Een actie die ‘wild’ is begonnen, wordt soms door de vakbond overgenomen en gesteund.

Rechten vakbondsleden

Een werknemer die lid is van één van de werknemersorganisaties heeft recht op verlof om een vergadering (lees ook bijeenkomst) bij te wonen (artikel 38 lid 1-l van de cao Bouw & Infra). Het gaat om recht op verlof zonder doorbetaling van het loon.

Voor het verrichten van vakbondswerk onder werktijd is toestemming van de werkgever nodig. Tijdens werkpauzes en voor en na het werk zijn werknemers echter vrij om vakbondswerk te doen. De werknemers moeten redelijk handelen. De normale orde en bedrijfsvoering in de onderneming morgen niet onaanvaardbaar worden verstoord.

Toepasselijke wet- en regelgeving

Artikel 6 - Recht op collectief onderhandelen
Ten einde de onbelemmerde uitoefening van het recht op collectief onderhandelen te waarborgen verbinden de Overeenkomstsluitende Partijen zich:

  • paritair overleg tussen werknemers en werkgevers te bevorderen;
  • indien nodig en nuttig de totstandkoming van een procedure te bevorderen voor vrijwillige onderhandelingen tussen werkgevers of organisaties van werkgevers en organisaties van werknemers, met het oog op de bepaling van beloning en arbeidsvoorwaarden door middel van collectieve arbeidsovereenkomsten;
  • de instelling en toepassing van een doelmatige procedure voor bemiddeling en vrijwillige arbitrage inzake de beslechting van arbeidsgeschillen te bevorderen; 
    en erkennen:
  • het recht van werknemers en werkgevers op collectief optreden in gevallen van belangengeschillen, met inbegrip van het stakingsrecht, behoudens verplichtingen uit hoofde van reeds eerder gesloten collectieve arbeidsovereenkomsten.

artikel 627
Geen loon is verschuldigd voor de tijd gedurende welke de werknemer de bedongen arbeid niet heeft verricht.

artikel 628 lid 1 
De werknemer behoudt het recht op het naar tijdruimte vastgestelde loon indien hij de overeengekomen arbeid niet heeft verricht door een oorzaak die in redelijkheid voor rekening van de werkgever behoort te komen.

Artikel 13 - Reglement Stichting OGB inzake aanvullende vergoeding en/of lening voor ondersteuning van deelnemers in juridische procedures die verband houden met stakingen
1. Naast het toekennen van een uitkering in de zin van artikel 8 en artikel 9 van dit reglement en/of een bijzondere uitkering in de zin van artikel 12 van dit reglement, kan het Bestuur in het geval van werkstakingen zoals beschreven in artikel 8 eerste lid van dit Reglement:

a) een vergoeding toekennen voor (een gedeelte van) de kosten die de Deelnemer maakt in het kader van juridische procedures welke tot doel strekken om de werkstaking te voorkomen, beëindigingen en/of te beperken;

b) een vergoeding toekennen voor (een gedeelte van) de kosten die de Deelnemer maakt in het kader van juridische procedures welke tot doel strekken om schade die is geleden als gevolg van een werkstaking te verhalen;

c) een vergoeding toekennen aan de Deelnemer voor (een gedeelte van) de andere in redelijkheid gemaakte kosten die rechtstreeks en onlosmakelijk verband houden met een werkstaking;

d) een lening te verstrekken aan de Deelnemer voor (een deel van) de hiervoor onder a. tot en met d. beschreven kosten.

2. De Deelnemer die een verzoek wil doen tot het uitkeren van een aanvullende vergoeding en/of lening zoals beschreven in lid 1 van dit artikel is verplicht het Bestuur voorafgaand aan het maken van de hiervoor onder 1. tot en met 4. beschreven kosten schriftelijk op de hoogte te stellen. De Deelnemer vermeldt daarbij de aard en de achtergrond van het verzoek en een onderbouwde schatting van de met het verzoek gemoeide kosten. Deze melding dient zo spoedig mogelijk plaats te vinden.
                
3. Naar aanleiding van de melding als bedoeld in lid 2 van dit artikel kan het Bestuur aanvullende voorwaarden stellen ten aanzien van het verstrekken van de in lid 1 van dit artikel beschreven vergoeding en/of lening. Dergelijke voorwaarden kunnen onder meer – maar niet uitsluitend – bestaan uit voorwaarden ten aanzien van:

a) de door de Deelnemer in te schakelen advocaat of rechtshulpverlener;
b) de door de Deelnemer te nemen maatregelen in het kader van het beperken van schade;
c) de terugbetalingstermijn en overige voorwaarden waaronder de lening wordt verstrekt.

Het stellen van aanvullende voorwaarden leidt niet zonder meer tot definitieve toekenning van een aanvullende vergoeding of lening.

4. Het Bestuur beslist aan de hand van de melding door de Deelnemer als bedoeld in lid 2 van dit artikel zo snel als redelijkerwijze mogelijk is of de Deelnemer definitief in aanmerking komt voor een gehele of gedeeltelijke vergoeding en/of lening als bedoeld in lid 1 van dit artikel. Het al dan niet toekennen van een vergoeding en/of lening is een discretionaire bevoegdheid van het Bestuur.
  
5. Ten aanzien van het verstrekken van een vergoeding of lening ten aanzien van andere in redelijkheid gemaakte kosten die rechtstreeks en onlosmakelijk verband houden met een werkstaking als bedoeld in lid 1 sub c en d van dit artikel, geldt dat deze uitsluitend zal worden verstrekt na daartoe van het Bestuur van Bouwend Nederland toestemming te hebben verkregen.
             
6. De in lid 1 van dit artikel beschreven vergoedingen en/of leningen worden niet meegeteld bij het bepalen van het maximaal per Deelnemersjaar aan een Deelnemer uit te keren bedrag in de zin van artikel 7 lid 5 en 9 van dit reglement.